Vesna
Ulitsa litsa, litsa, ne spitsia
Zasypaiu, ne mogu ostanovit'sia
Zazhigaiu, nabliudaiu za soboj,
Tam, so storony.Rany
Ne zazhili, dolgo kruzhili
Vdokh, snova teni ozhili
Byli, liubili, zabyli, ostavili tam
Ia ne vernus', i snova ne budet vesny
Ia podnimus' ia uzhe ne boius' vysoty
Ia tak khochu chtoby ty, ia tak khochu chtoby ia
Chasami, slovami, vesami, gruzili sebia
Noch' nastupaet na piatki
Zvuki igraiut v priatki
Sladkie vziatki priachutsia, ikh ne dostat'
Do nikh ne dobrat'sia
Mozhno smeiat'sia, ne prizemliat'sia
Trudno poniat', legko dogadat'sia
Net, ne otniat' togo, chtoby bylo opiat'
Dogoniat' vremia ne zhdat'
Mozhno sgoret', ne uspet', ne dopet', ne dognat'
Ne uznat', poteriat'sia
Mozhno smeiat'sia, ne prizemliat'sia
Trudno poniat', legko dogadat'sia
Ia ne vernus', i snova ne budet vesny
Ia podnimus' ia uzhe ne boius' vysoty
Ia tak khochu chtoby ty, ia tak khochu chtoby ia
Stikhami, krugami, rukami zakryli sebia
Na otvety u menia est' voprosy
Papirosy, rassprosy
Sprosi menia gde ty
Nigde, ia idu nikuda
Dogoriat provoda
Pravda, sukhaia voda beskonechnaia nota
Sprosi menia "kto ty"
- Kto ty?
Nikto , no ia zdes' navsegda
Ia zhe vernus', i snova nastupit vesna
Kogda ia prosnus', ia znaiu, tebe ne do sna
Ia tak khochu chtoby ty, ia tak khochu chtoby ia
Dyshali odnoj tishinoj i ne videli dnia
Ia tak khochu chtoby ty, ia tak khochu chtoby ia
Dyshali odnoj tishinoj i ne videli dnia
Ia zhe vernus', i snova nastupit vesna
Lente
Straat gezichten, gezichten, niet slapen
Ik val in slaap, kan niet stoppen
Ik steek aan, kijk achterom,
Daar, van de zijkant. Wonden
Zijn niet genezen, lang rondgedwaald
Adem, weer schaduwen tot leven
We waren, hielden van, vergaten, lieten daar
Ik kom niet terug, en er zal weer geen lente zijn
Ik stijg op, ik ben niet bang voor de hoogte
Ik wil zo graag dat jij, ik wil zo graag dat ik
Uren, woorden, gewichten, belasten ons
De nacht valt op de hielen
Geluiden spelen in de schaduw
Zoete momenten komen dichterbij, ze zijn niet te pakken
Er is geen weg naar hen
Je kunt lachen, niet neerdalen
Moelijk te begrijpen, makkelijk te raden
Nee, niet wegnemen wat er weer zal zijn
De tijd inhalen, niet wachten
Je kunt verbranden, niet op tijd komen, niet begrijpen, niet inhalen
Niet herkennen, verdwalen
Je kunt lachen, niet neerdalen
Moelijk te begrijpen, makkelijk te raden
Ik kom niet terug, en er zal weer geen lente zijn
Ik stijg op, ik ben niet bang voor de hoogte
Ik wil zo graag dat jij, ik wil zo graag dat ik
Met gedichten, cirkels, handen ons bedekken
Op antwoorden heb ik vragen
Sigaretten, verzoeken
Vraag me waar jij bent
Nergens, ik ga nergens heen
De draden branden
Waarheid, droge water eindeloze noot
Vraag me 'wie ben jij'
- Wie ben jij?
Niemand, maar ik ben hier voor altijd
Ik kom terug, en er zal weer lente komen
Wanneer ik wakker word, weet ik, jij hebt geen slaap
Ik wil zo graag dat jij, ik wil zo graag dat ik
Adem in dezelfde stilte en de dag niet zien
Ik wil zo graag dat jij, ik wil zo graag dat ik
Adem in dezelfde stilte en de dag niet zien
Ik kom terug, en er zal weer lente komen