Lá No Céu
Eu almejo o dia
Em que entrarei em Jerusalém
Lá não haverá noite
Só a luz que vem do trono de Deus
Eis que todas as coisas
Serão novas lá em Jerusalém
E não mais terei sede
Pois da Água Viva eu beberei
Lá no céu não haverá mais lágrimas
E a morte já não mais existirá
Lá não haverá o pranto e a dor
Lá, enfim, verei a glória de meu Deus
É preciso ser puro
Para entrar na santa Jerusalém
Ter as vestes lavadas
Pelo sangue do Cordeiro de Deus
Eis que logo Ele vem
E a recompensa Ele trará
Estarei face a face
Com o eterno Deus de Israel
Lá no céu não haverá mais lágrimas
E a morte já não mais existirá
Lá não haverá o pranto e a dor
Lá, enfim, verei a glória de meu Deus
Lá no céu não haverá mais lágrimas
E a morte já não mais existirá
Lá não haverá o pranto e a dor
Lá, enfim, verei a glória de meu Deus
Daar in de Hemel
Ik verlang naar de dag
Dat ik Jeruzalem binnen zal gaan
Daar zal geen nacht zijn
Alleen het licht dat komt van de troon van God
Zie, alle dingen
Zullen nieuw zijn daar in Jeruzalem
En ik zal geen dorst meer hebben
Want van het Levend Water zal ik drinken
Daar in de hemel zullen geen tranen meer zijn
En de dood zal niet meer bestaan
Daar zal geen geween en pijn zijn
Daar zal ik eindelijk de glorie van mijn God zien
Je moet puur zijn
Om de heilige Jeruzalem binnen te gaan
Je moet gewassen zijn
In het bloed van het Lam van God
Zie, Hij komt snel
En de beloning zal Hij meebrengen
Ik zal van aangezicht tot aangezicht staan
Met de eeuwige God van Israël
Daar in de hemel zullen geen tranen meer zijn
En de dood zal niet meer bestaan
Daar zal geen geween en pijn zijn
Daar zal ik eindelijk de glorie van mijn God zien
Daar in de hemel zullen geen tranen meer zijn
En de dood zal niet meer bestaan
Daar zal geen geween en pijn zijn
Daar zal ik eindelijk de glorie van mijn God zien
Escrita por: Ricardo Martins