395px

Geen Spijt

Aesop Rock

No Regrets

Lucy was 7 and wore a head of blue barettes
City born, into this world with no knowledge and no regrets
Had a piece of yellow chalk with which she'd draw upon the street
The many faces of the various locals that she would meet
There was joshua, age 10
Bully of the block
Who always took her milk money at the morning bus stop
There was Mrs. Crabtree, and her poodle
She always gave a wave and holler on her weekly trip down to the bingo parlor
And she drew
Men, women, kids, sunsets, clouds
And she drew
Skyscrapers, fruit stands, cities, towns
Always said hello to passers-by
They'd ask her why she passed her time
Attachin lines to concrete
But she would only smile
Now all the other children living in or near her building
Ran around like tyrants, soaking up the open fire hydrants
They would say
'Hey little Lucy, wanna come jump double dutch?'
Lucy would pause, look, grin and say
'I'm busy, thank you much'
Well, well, one year passed
And believe it or not
She covered every last inch of the entire sidewalk,
And she stopped
'Lucy, after all this, you're just giving in today?'
She said:
'I'm not giving in, I'm finished,' and walked away

(Chorus: x2)
1 2 3
That's the speed of the seed
A B C
That's the speed of the need
You can dream a little dream
Or you can live a little dream
I'd rather live it
Cuz dreamers always chase
But never get it

Now Lucy was 37, and introverted somewhat
Basement apartment in the same building she grew up in
She traded in her blue barettes for long locks held up with a clip
Traded in her yellow chalk for charcoal sticks
And she drew
Little bobby who would come to sweep the porch
And she drew
The mailman, delivered everyday at 4
Lucy had very little contact with the folks outside her cubicle day
But she found it suitable, and she liked it that way
She had a man now: Rico, similar, hermit

They would only see each other once or twice a week on purpose
They appreciated space and Rico was an artist too
So they'd connect on saturdays to share the pictures that they drew
(Look!)
Now every month or so, she'd get a knock upon the front door
Just one of the neighbors,
Actin nice, although she was a strange girl, really
Say, 'Lucy, wanna join me for some lunch??'
Lucy would smile and say 'I'm busy, thank you much'
And they would make a weird face the second the door shut
And run and tell their friends how truly crazy Lucy was
And lucy knew what people thought but didn't care
Cuz while they spread their rumors through the street
She'd paint another masterpiece

(Chorus x2)

Lucy was 87, upon her death bed
At the senior home, where she had previously checked in
Traded in the locks and clips for a head rest
Traded in the charcoal sticks for arthritis, it had to happen
And she drew no more, just sat and watched the dawn
Had a television in the room that she'd never turned on
Lucy pinned up a life worth's of pictures on the wall
And sat and smiled, looked each one over, just to laugh at it all
No Rico, he had passed, 'bout 5 years back
So the visiting hours pulled in a big flock o' nothin
She'd never spoken once throughout the spanning of her life
Until the day she leaned forward, grinned and pulled the nurse aside
And she said:
'Look, I've never had a dream in my life
Because a dream is what you wanna do, but still haven't pursued
I knew what I wanted and did it till it was done
So i've been the dream that I wanted to be since day one!'
Well!
The nurse jumped back,
She'd never heard Lucy even talk,
'Specially words like that
She walked over to the door, and pulled it closed behind
Then Lucy blew a kiss to each one of her pictures
And she died.

(Chorus x2)

1 2 3...
A B C...

Geen Spijt

Lucy was 7 en droeg een hoofd vol blauwe speldjes
Geboren in de stad, in deze wereld zonder kennis en geen spijt
Ze had een stuk gele krijt waarmee ze op de straat tekende
De vele gezichten van de verschillende locals die ze zou ontmoeten
Daar was Joshua, 10 jaar oud
De pestkop van de buurt
Die altijd haar melkgeld nam bij de ochtend bushalte
Daar was mevrouw Crabtree, en haar poedel
Ze zwaaide altijd en riep tijdens haar wekelijkse trip naar de bingo
En ze tekende
Mannen, vrouwen, kinderen, zonsondergangen, wolken
En ze tekende
Wolkenkrabbers, fruitkramen, steden, dorpen
Altijd hallo tegen voorbijgangers
Ze vroegen haar waarom ze haar tijd doorbracht
Lijnen aan beton te hechten
Maar ze glimlachte alleen maar
Nu renden alle andere kinderen die in of nabij haar gebouw woonden
Rond als tirannen, zich verfrissend onder de open brandkranen
Ze zeiden
'Hé kleine Lucy, wil je touwtjespringen?'
Lucy stopte, keek, grijnsde en zei
'Ik ben druk, dank je wel'
Nou, nou, er ging een jaar voorbij
En geloof het of niet
Ze bedekte elke laatste centimeter van de hele stoep,
En ze stopte
'Lucy, na dit alles, geef je vandaag gewoon op?'
Ze zei:
'Ik geef niet op, ik ben klaar,' en liep weg

(Refrein: x2)
1 2 3
Dat is de snelheid van de zaad
A B C
Dat is de snelheid van de behoefte
Je kunt een klein droompje dromen
Of je kunt een klein droompje leven
Ik leef het liever
Want dromers achtervolgen altijd
Maar krijgen het nooit

Nu was Lucy 37, en een beetje introvert
Kelderappartement in hetzelfde gebouw waar ze was opgegroeid
Ze ruilde haar blauwe speldjes in voor lange lokken die met een clip omhoog gehouden werden
Ruilde haar gele krijt in voor houtskoolstokken
En ze tekende
De kleine Bobby die kwam om de veranda te vegen
En ze tekende
De postbode, die elke dag om 4 kwam
Lucy had heel weinig contact met de mensen buiten haar cubicle
Maar ze vond het prima, en ze vond het zo fijn
Ze had nu een man: Rico, ook een soort kluizenaar

Ze zagen elkaar maar één of twee keer per week opzettelijk
Ze waardeerden ruimte en Rico was ook een kunstenaar
Dus ze kwamen op zaterdag samen om de tekeningen die ze maakten te delen
(Kijk!)
Nu kreeg ze elke maand of zo een klop op de voordeur
Gewoon een van de buren,
Die aardig deed, hoewel ze echt een vreemde meid was
Zei: 'Lucy, wil je met me lunchen?'
Lucy glimlachte en zei 'Ik ben druk, dank je wel'
En ze maakten een vreemde gezichtsuitdrukking zodra de deur dichtging
En renden om hun vrienden te vertellen hoe echt gek Lucy was
En Lucy wist wat mensen dachten maar gaf er niet om
Want terwijl zij hun roddels door de straat verspreidden
Schilderde zij weer een meesterwerk

(Refrein x2)

Lucy was 87, op haar sterfbed
In het verzorgingstehuis, waar ze eerder was ingeschreven
Ruilde de lokken en clips in voor een hoofdkussen
Ruilde de houtskoolstokken in voor artritis, het moest wel gebeuren
En ze tekende niet meer, zat gewoon en keek naar de dageraad
Had een televisie in de kamer die ze nooit aanzette
Lucy hing een leven vol foto's aan de muur
En zat en glimlachte, keek elke foto na, gewoon om erom te lachen
Geen Rico, hij was overleden, zo'n 5 jaar geleden
Dus de bezoektijden trokken een grote zwerm van niets
Ze had nooit eens gesproken gedurende haar leven
Tot de dag dat ze zich voorover boog, grijnsde en de verpleegster opzij trok
En ze zei:
'Kijk, ik heb nooit een droom in mijn leven gehad
Omdat een droom is wat je wilt doen, maar nog niet hebt nagestreefd
Ik wist wat ik wilde en deed het tot het klaar was
Dus ik ben de droom die ik vanaf dag één wilde zijn!'
Nou!
De verpleegster sprong terug,
Ze had Lucy nog nooit horen praten,
'Vooral zulke woorden
Ze liep naar de deur en trok die achter zich dicht
Toen blies Lucy een kus naar elk van haar foto's
En ze stierf.

(Refrein x2)

1 2 3...
A B C...

Escrita por: Aesop Rock