395px

De Avond Komt

Andrea Bocelli

Viene La Sera

Viene la sera

E l'ombra e la quiete.

E sei qui sola.

Sola e rinnegata!
Rinnegata... e felice!

A voi, chiudete.

Sì, sì, noi tutti soli...
E fuori il mondo...

E il Bonzo furibondo.

Suzuki, le mie vesti.

Quest'obi pomposa di scioglier mi tarda...
si vesta la sposa di puro candor.

Con moti di scojattolo
i nodi allenta e scioglie!...

Tra motti sommessi
sorride e mi guarda.

Pensar che quel giocattolo
è mia moglie. Mia moglie!

Celarmi potessi!
ne ho tanto rossor!

Ma tal grazia dispiega,
ch'io mi struggo per la febbre
… d'un subito desìo.

E ancor l'irata voce mi maledice...

Butterfly rinnegata...
Rinnegata... e felice.

Bimba dagli occhi pieni di malìa
ora sei tutta mia.
Sei tutta vestita di giglio.
Mi piace la treccia tua bruna
fra candidi veli.

Somiglio la Dea della luna,
la piccola Dea della luna che scende
la notte dal ponte del ciel.

E affascina i cuori...

E li prende,
e li avvolge in un bianco mantel.
E via se li reca
negli alti reami,

Ma intanto finor non m'hai detto,
ancor non m'hai detto che m'ami.
Le sa quella Dea le parole
che appagan gli ardenti desir?

Le sa.
Forse dirle non vuole
per tema d'averne a morir,
per tema d'averne a morir!

Stolta paura, l'amor non uccide
ma dà vita, e sorride per gioie celestiali
come ora fa nei tuoi lunghi occhi ovali.

Adesso voi siete per me
l'occhio del firmamento.
E mi piaceste dal primo momento
che vi ho veduto.

Siete alto, forte.
Ridete con modi si palesi!
E dite cose che mai non intesi.

Or son contenta,
or son contenta.

Vogliatemi bene,
un bene piccolino,
un bene da bambino
quale a me si conviene,
vogliatemi bene.
Noi siamo gente avvezza
alle piccole cose
umili e silenziose,
ad una tenerezza
sfiorante e pur profonda
come il ciel, come l'onda
del mare.

Dammi ch'io baci le tue mani care.

Mia Butterfly!
come t'han ben nomata
tenue farfalla...

Dicon ch'oltre mare
se cade in man dell'uom,
ogni farfalla
da uno spillo è trafitta
ed in tavola infitta!..

Un po' di vero c'è.
E tu lo sai perchè?
Perchè non fugga più.

Io t'ho ghermita...
Ti serro palpitante.
Sei mia.

Sì, per la vita.

Vieni, vieni...

Via dall'anima in pena
l'angoscia paurosa.
È notte serena!
Guarda: dorme ogni cosa!

Ah! Dolce notte!..

Vieni, vieni...

Quante stelle!
Non le vidi mai sì belle!

È notte serena!
Ah! vieni, vieni.
È notte serena!..
Guarda: dorme ogni cosa!

Dolce notte! Quante stelle!

Vieni, vieni!

Non le vidi mai sì belle!

Vieni, vieni!

Trema, brilla ogni favilla
col baglior d'una pupilla. Oh!

Vien, sei mia!

Oh! quanti occhi fisi, attenti
d'ogni parte a riguardar!
pei firmamenti,
via pei lidi,
via pel mare...

Via l'angoscia dal tuo cor!
Ti serro palpitante.
Sei mia.
Ah! Vien, vien sei mia
ah! vieni, guarda:
dorme ogni cosa!..

Ti serro palpitante.
Ah, vien!

Ah! quanti occhi fisi, attenti!

Guarda: dorme ogni cosa:
Ah! vien! ah! vieni, vieni!
Ah! vien, ah! vien, sei mia!

Ride il ciel!
Ah! Dolce notte!
Tutto estatico d'amor
Ride il ciel!

De Avond Komt

De avond komt

En de schaduw en de rust.

En je bent hier alleen.

Alleen en verstoten!
Verstoten... en gelukkig!

Voor jullie, sluit af.

Ja, ja, wij zijn allemaal alleen...
En buiten de wereld...

En de woedende Bonzo.

Suzuki, mijn kledij.

Deze imposante obi laat me wachten...
Laat de bruid zich kleden in pure eenvoud.

Met schuchtere bewegingen
ontknoopt en lost ze de knopen!...

Tussen onderdrukte spreuken
glundert ze en kijkt naar me.

Om te denken dat dat speelgoed
mijn vrouw is. Mijn vrouw!

Ik zou me kunnen verstoppen!
Ik ben zo beschaamd!

Maar die genade straalt,
dat ik me verbrand van de koorts
… van een plots verlangen.

En nog steeds vervloekt die woedende stem me...

Verstoten vlinder...
Verstoten... en gelukkig.

Kind met betoverende ogen,
nu ben je helemaal van mij.
Je bent helemaal gekleed in lelie.
Ik hou van je bruine vlecht
tussen de witte sluiers.

Ik lijk op de Godin van de maan,
de kleine Godin van de maan die daalt
’ s nachts van de brug van de hemel.

En fascineert de harten...

En neemt ze mee,
en wikkelt ze in een witte mantel.
En voert ze weg
naar de hoge rijken,

Maar tot nu toe heb je me nog niet gezegd,
k heb je me nog niet verteld dat je van me houdt.
Weet die Godin de woorden
Die de brandende verlangens stillen?

Dat weet ze.
Misschien wil ze ze niet zeggen
uit angst om te sterven,
u met dat te sterven te maken!

Domme angst, de liefde doodt niet
maar geeft leven, en glimlacht voor hemelse vreugden
zoals ze nu doet in jouw lange ovale ogen.

Nu zijn jullie voor mij
de ster van het sterrenhemel.
En ik vond je van het eerste moment
Dat ik je zag.

Jullie zijn hoog, sterk.
Jullie lachen met zo'n evidente manieren!
En zeggen dingen die ik nooit begreep.

Nu ben ik tevreden,
nu ben ik tevreden.

Houd van mij,
een klein beetje liefde,
een kinderlijk beetje liefde
wat bij mij past,
houd van mij.
Wij zijn mensen gewend
aan kleine dingen
bescheiden en stil,
aan een tederheid
flonkerend en ook diep
zoals de lucht, zoals de golf
van de zee.

Geef me dat ik je kostbare handen kus.

Mijn Vlinder!
hoe mooi is je naam
teer vlindertje...

Ze zeggen dat als je over zee
in de handen van een man valt,
iedere vlinder
door een speldenprik wordt doorstoken
en op tafel wordt gestoken!...

Er is een beetje waarheid in.
En weet jij waarom?
Omdat je niet meer wilt vluchten.

Ik heb je gegrepen...
Ik houd je kloppend vast.
Je bent van mij.

Ja, voor het leven.

Kom, kom...

Weg van de leidende ziel
de angstige pijn.
Het is een serene nacht!
Kijk: alles slaapt!

Ah! Zoete nacht!...

Kom, kom...

Wat een sterren!
Ik heb ze nooit zo mooi gezien!

Het is een serene nacht!
Ah! Kom, kom.
Het is een serene nacht!...
Kijk: alles slaapt!

Zoete nacht! Wat een sterren!

Kom, kom!

Ik heb ze nooit zo mooi gezien!

Kom, kom!

Trilt, schittert elke vonk
met de glans van een pupil. Oh!

Kom, je bent van mij!

Oh! Wat een scherpe blikken, oplettend
van alle kanten om te kijken!
Van de sterren,
langs de kusten,
langs de zee...

Weg de angst uit jouw hart!
Ik houd je kloppend vast.
Je bent van mij.
Ah! Kom, kom je bent van mij
ah! kom, kijk:
alles slaapt!..

Ik houd je kloppend vast.
Ah, kom!

Ah! Wat een scherpe blikken, oplettend!

Kijk: alles slaapt:
Ah! kom! ah! kom, kom!
Ah! kom, ah! kom, je bent van mij!

De hemel lacht!
Ah! Zoete nacht!
Alles in extase van liefde
De hemel lacht!

Escrita por: