395px

Tango Buurt

Anibal Troilo

Barrio de Tango

Un pedazo de barrio, allá en Pompeya,
durmiéndose al costado del terraplén.
Un farol balanceando en la barrera
y el misterio de adiós que siembra el tren.
Un ladrido de perros a la luna.
El amor escondido en un portón.
Y los sapos redoblando en la laguna
y a lo lejos la voz del bandoneón.

Barrio de tango, luna y misterio,
calles lejanas, ¡cómo andarán!
Viejos amigos que hoy ni recuerdo,
¡qué se habrán hecho, dónde estarán!
Barrio de tango, qué fue de aquella,
Juana, la rubia, que tanto amé.
¡Sabrá que sufro, pensando en ella,
desde la tarde que la dejé!
Barrio de tango, luna y misterio,
¡desde el recuerdo te vuelvo a ver!

Un coro de silbidos allá en la esquina.
El codillo llenando el almacén.
Y el dramón de la pálida vecina
que ya nunca salió a mirar el tren.
Así evoco tus noches, barrio 'e tango,
con las chatas entrando al corralón
y la luna chapaleando sobre el fango
y a lo lejos la voz del bandoneón.

Tango Buurt

Een stukje buurt, daar in Pompeya,
dommelend naast de dijk.
Een lantaarn die wiegt bij de barrière
en het mysterie van afscheid dat de trein zaait.
Een blaf van honden naar de maan.
De liefde verstopt achter een poort.
En de kikkers die roffelen in de vijver
en in de verte de stem van de bandoneon.

Tango buurt, maan en mysterie,
verre straten, hoe zouden ze zijn?
Oude vrienden die ik nu niet meer herinner,
wat is er van ze geworden, waar zouden ze zijn?
Tango buurt, wat is er van die,
Juana, de blonde, die ik zo liefhad.
Zou ze weten dat ik lijd, denkend aan haar,
vanaf de middag dat ik haar verliet?
Tango buurt, maan en mysterie,
vanaf de herinnering zie ik je weer!

Een koor van fluitjes daar op de hoek.
De schoudervulling vult de winkel.
En het drama van de bleke buurvrouw
Die nooit meer naar de trein kwam kijken.
Zo roep ik je nachten op, tango buurt,
met de karren die de binnenplaats binnenkomen
en de maan die door de modder spat
en in de verte de stem van de bandoneon.

Escrita por: Homero Manzi / Troilo