395px

Verlangen naar Mijn Feest

Apagão Maluco

Saudade da Minha Farra

De que me adianta, chegar nesta idade,
Se o meu bilau não quer mais levantar,
Adeus meninha, adeus mulherão,
To ficando velho comecei a brochar,

Já é madrugada, vejo a mulherada,
Ficando comigo eu pago pra tentar,
Com satisfação, arreio o calção,
Vou passando a mão nada de levantar

E vou escutando, a mulher berrando
Esse trem não sobe, larga isso pra la,

Mas, minha senhora, assim to perdido,
Pois até viagra eu tenho tomado,
Vejo a rapariga, lembro a mocidade,
De tanta saudade eu tenho chorado,

Aqui, tem alguém, diz que me quer bem
Mas não me convém o peste é viado,
Olha para as pernas, de uma morena
Mas não adianta eu to arriado,

To aqui tentando, de longe escutando,
Alguém ta gemendo no quarto do lado,

Que saudade, imensa, de brincar no mato,
Eu pegava gato, cabrita e galinha,
Aos domingos eu ai, traçar as coroas
Nas linda lagoa de aguas cristalinas,

Que doce lembrança daquelas poupanças
Onde tinha dança, eu agarrava as meninas
Eu vivo hoje em dia, sem ter alegriam,
O mundo judia, mas tambem ensina

Estou contratiado, mas não derrotado,
Eu não sou viado, minha lingua é divina,

Pra minha mãenzinha, já telegrafei,
Mamãe, não sou gay....nem pretendo ser
Nesta madruda, estou com a rapariga
Aqui na avenida vendo o sol nascer

O galo cantando, brauli levantando
Eu tava sonhando pode esquecer,
Vou tomar gemada, e uma gelada,
Mas o meu problema não vai resolver

Eu preciso ir, pra longe daqui,
Porque meu bilau acabou de morrer

Verlangen naar Mijn Feest

Wat heb ik eraan, om deze leeftijd te bereiken,
Als mijn pik niet meer wil stijgen,
Vaarwel schatje, vaarwel mooie vrouw,
Ik word oud, ik begin te falen,

Het is al middernacht, ik zie de vrouwen,
Die bij me blijven, ik betaal om te proberen,
Met plezier, trek ik mijn broek aan,
Ik ga met mijn hand, maar niets komt omhoog,

En ik luister, de vrouw schreeuwt,
Dit ding komt niet omhoog, laat dat maar zitten,

Maar, mevrouw, zo ben ik verloren,
Want zelfs viagra heb ik al geprobeerd,
Ik zie het meisje, herinner de jeugd,
Van zoveel verlangen heb ik gehuild,

Hier is er iemand, zegt dat hij om me geeft,
Maar het komt me niet goed uit, die pest is homo,
Kijk naar de benen, van een bruinette,
Maar het helpt niet, ik ben afgeschreven,

Ik ben hier aan het proberen, van ver luisterend,
Iemand kreunt in de kamer naast me,

Wat een enorme heimwee, om in het veld te spelen,
Ik ving een kat, een geit en een kip,
Op zondag ging ik, de kroonluchters tekenen,
Bij de mooie vijver van kristalhelder water,

Wat een zoete herinnering aan die spaarpotten,
Waar we dansten, ik greep de meisjes,
Ik leef tegenwoordig, zonder vreugde,
De wereld kwelt, maar leert ook,

Ik ben teleurgesteld, maar niet verslagen,
Ik ben geen homo, mijn tong is goddelijk,

Voor mijn lieve moeder, heb ik al getelegrammeerd,
Mam, ik ben niet gay... en ik ben het ook niet van plan,
Deze ochtend, ben ik met het meisje,
Hier op de boulevard, kijkend naar de zon die opkomt,

De haan kraait, de brauli komt omhoog,
Ik was aan het dromen, vergeet het maar,
Ik ga een eierdrank nemen, en een biertje,
Maar mijn probleem gaat niet opgelost worden,

Ik moet hier weg, ver weg van hier,
Want mijn pik is net dood gegaan.

Escrita por: