395px

Je Zal Een Altaar Hebben

Arturo Gatica

Tendras Un Altar

Busco un rincón lejano
Donde, contigo, solito, estar:
Quiero olvidar mis penas,
Nacer de nuevo, decir adiós.

Con el cariño nuestro
Formar un templo para rezar,
Con el candor de un sueño
Vivir el uno para los dos.

Tendrás un altar,
Un altar divino de amor,
Junto a un verde pino, feliz
Construiré un lugar junto a ti.

Con alma en la voz,
Te diré mi canto de amor,
Con tus besos santos, mi bien,
Me hablarás de dios.

Lejos del mundo entero
No habrá rencores ni habrá dolor,
Nuestra casita blanca
Lugar de dicha siempre será;

Cuando la noche sueñe
Bajo la luna de nuestro amor,
Todo el jardín del cielo,
Para nosotros, florecerá.

Je Zal Een Altaar Hebben

Ik zoek een verre plek
Waar ik, samen met jou, alleen kan zijn:
Ik wil mijn zorgen vergeten,
Opnieuw geboren worden, afscheid nemen.

Met onze liefde
Een tempel bouwen om te bidden,
Met de onschuld van een droom
Leven we voor elkaar.

Je zult een altaar hebben,
Een goddelijk altaar van liefde,
Naast een groene den, gelukkig
Zal ik een plek naast jou bouwen.

Met ziel in mijn stem,
Zal ik je mijn liefdeslied vertellen,
Met jouw heilige kussen, mijn lief,
Zal je me over God vertellen.

Ver weg van de hele wereld
Zullen er geen wrok of pijn zijn,
Ons witte huisje
Zal altijd een plek van geluk zijn;

Wanneer de nacht droomt
Onder de maan van onze liefde,
Zal de hele tuin van de hemel,
Voor ons bloeien.

Escrita por: Alfredo Diez / Juan Polito