Chega de Saudade
Vai, minha tristeza
E diz a ela
Que sem a ela não pode ser
Diz-lhe numa prece
Que ela regresse
Porque eu não posso mais sofrer
Chega de saudade
A realidade é que sem ela não há mais paz, não há beleza
É só tristeza e melancolia que não sai de mim, não sai de mim, não sai
Mas, se ela voltar
Se ela voltar
Que coisa linda,
Que coisa louca
Pois há menos peixinhos
A nadar no mar
Do que os beijinhos que eu darei na sua boca
Dentro dos meus braços
Os abraços hão de ser milhões de abraços
Apertado assim
Colado assim
Calado assim
Abraços e beijinhos
E carinhos sem ter fim
Que é pra acabar com esse negócio
De você viver sem mim
Não quero mais esse negócio
De você tão longe assim
Vamos deixar esse negócio de viver longe de mim.
Genoeg van Verlangen
Ga, mijn verdriet
En zeg het haar
Dat zonder haar het niet kan zijn
Zeg het in een gebed
Dat ze terugkomt
Want ik kan niet langer lijden
Genoeg van verlangen
De werkelijkheid is dat zonder haar er geen vrede is, geen schoonheid
Het is alleen maar verdriet en melancholie die niet van me weggaat, niet van me weggaat, niet van me weggaat
Maar, als ze terugkomt
Als ze terugkomt
Wat een mooie zaak,
Wat een gekke zaak
Want er zijn minder visjes
Die zwemmen in de zee
Dan de kusjes die ik op haar lippen zal geven
In mijn armen
Zullen de omhelzingen miljoenen omhelzingen zijn
Helemaal zo
Helemaal zo
Stil zo
Omhelzingen en kusjes
En genegenheid zonder einde
Om dit gedoe te stoppen
Dat jij zonder mij leeft
Ik wil dit gedoe niet meer
Dat jij zo ver weg bent
Laten we dit gedoe van ver van mij leven achter ons laten.
Escrita por: Antonio Carlos Jobim / Vinícius de Moraes