Palermo
¡Maldito seas, Palermo!
Me tenés seco y enfermo,
mal vestido y sin morfar,
porque el vento los domingos
me patino con los pingos
en el Hache Nacional.
Pa' buscar al que no pierde
me atraganto con la Verde
y me estudio el pedigré
y a pesar de la cartilla
largo yo en la ventanilla
todo el laburo del mes.
Berretines que tengo con los pingos,
metejones de todos los domingos...
Por tu culpa me encuentro bien fané...
¡Qué le voy hacer, así debe ser!
Ilusiones del viejo y de la vieja
van quedando deshechas en la arena
por las patas de un tungo roncador...
¡Qué le voy hacer si soy jugador!
Palermo, cuna de reos,
por tu culpa ando sin cobre,
sin honor ni dignidad;
soy manguero y caradura,
paso siempre mishiadura
por tu raza caballar.
Me arrastra más la perrera,
más me tira una carrera
que una hermosa mujer.
Como una boca pintada
me engrupe la colorada
cual si fuera su mishé.
Palermo
Verdomme, Palermo!
Je maakt me droog en ziek,
slecht gekleed en zonder eten,
want de wind op zondag
laat me glijden met de paarden
in het Hache Nationaal.
Om degene te zoeken die niet verliest
stik ik me vol met de Groene
en bestudeer ik het stamboom,
en ondanks het boekje
geef ik alles aan het raam
van al het werk van de maand.
Zuchtjes die ik heb met de paarden,
verleidingen van elke zondag...
Door jou voel ik me zo afgedankt...
Wat kan ik eraan doen, zo moet het zijn!
Illusies van mijn ouders
vergaan in het zand
door de poten van een snurkende hond...
Wat kan ik eraan doen als ik gokker ben!
Palermo, wieg van criminelen,
door jou loop ik zonder centen,
zonder eer of waardigheid;
ik ben een oplichter en een schoft,
altijd in de problemen
van jouw paardenras.
De honden slepen me meer,
meer trekt een race
me dan een mooie vrouw.
Als een geschilderde mond
verleidt de roodharige me
alsof ik haar schat ben.