Smeer Toch Op Tijd Uw Kelen Door
refr.:
Smeer toch op tijd uw kelen door
Maar neem daar beslist geen olie voor
Het zal je nooit gaan spijten
Om soms in een biertje te bijten
Smeer toch op tijd uw kelen door
Maar neem daar geen olie voor
De olieman uit onze straat die meent het niet zo kwaad
De opbrengst van zo'n vat of vier verandert soms in
bier
Al is zijn vrouw dan woest, niet te bedaren
Toch blijft hij tegen iedereen verklaren
refr.
De huisbaas heeft nooit geldgebrek hij is een ouwe
vrek
Hij gaat daarom maar zelden uit hij klampt zich aan
z'n buit
Toch zal 'em dit waarschijnlijk niet veel baten
Waarom krijgt hij dat zelf niet in de gaten
La-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la
refr.
Unta Tus Gargantas a Tiempo
refr.:
Unta tus gargantas a tiempo
Pero no uses aceite para eso
Nunca te arrepentirás
De tomar un sorbo de cerveza de vez en cuando
Unta tus gargantas a tiempo
Pero no uses aceite para eso
El hombre del aceite de nuestra calle no lo hace con malas intenciones
Los ingresos de unos cuatro barriles a veces se convierten en cerveza
Aunque su esposa esté furiosa, imposible de calmar
Él sigue explicándole a todo el mundo
refr.
El casero nunca tiene problemas de dinero, es un viejo avaro
Por eso rara vez sale, se aferra a su botín
Aunque probablemente esto no le sirva de mucho
¿Por qué no se da cuenta de eso?
La-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la
La-la-la-la-la-la-la-la
refr.