Nojoda (part. Rolando Ochoa)
Ay, hace rato que no me pegaba mis tragos, tranquilo
Menos mal que ahora sí estoy pasando mi mejor momento
Miro pa' arriba y le agradezco al cielo
Todo' los días, me despierto contento y bacano
Mil gracias, Dios mío
Y luego alguien la embarra
Y me daña la mañana
Con esa pregunta mala
¿Qué, qué hay de aquella con la que andaba?
Yo ni siquiera la recuerdo
Me la recuerdan, son mis amigos, no joda'
Quisiera ser sordo y hacer que ni la he conocido
Hombe, quisiera ser sordo y hacer que ni la he conocido
Pero la bota pisa la baldosa y la vuelve a romper
Y aunque me esconda, la misma pregunta la vuelven a hacer
Yo ni siquiera la recuerdo
Me la recuerdan, son mis amigos, no joda'
Quisiera ser sordo y hacer que ni la he conocido
Y es que el silencio que queda
Meditando, me deja
Si tiran una moneda
Y escojo sello, me sale, es ella
Yo ni siquiera la recuerdo
Me la recuerdan, son mis amigos, no joda'
Quisiera ser sordo y hacer que ni la he conocido
Ay, hombe, quisiera ser sordo y hacer que ni la he conocido
Yo abrí la puerta pa' que un amor nuevo pudiera llegar
Y aquellos tiempos de tristes recuerdo' tuvieran un final
Yo ni siquiera la recuerdo
Me la recuerdan, son mis amigos, no joda'
Quisiera ser sordo y hacer que ni la he conocido
Nojoda (met Rolando Ochoa)
Ay, het is al een tijd geleden dat ik mijn drankjes nam, rustig
Gelukkig dat ik nu mijn beste moment beleef
Ik kijk omhoog en dank de hemel
Elke dag word ik blij en relaxed wakker
Duizend dank, mijn God
En dan verpest iemand het
En bederft mijn ochtend
Met die vervelende vraag
Wat, wat is er met diegene die ik had?
Ik herinner me haar zelfs niet meer
Mijn vrienden herinneren me eraan, geen gezeik
Ik zou willen dat ik doof was en deed alsof ik haar nooit had gekend
Hé, ik zou willen dat ik doof was en deed alsof ik haar nooit had gekend
Maar de hak van haar schoen raakt de tegel en breekt hem weer
En zelfs als ik me verstop, stellen ze dezelfde vraag weer
Ik herinner me haar zelfs niet meer
Mijn vrienden herinneren me eraan, geen gezeik
Ik zou willen dat ik doof was en deed alsof ik haar nooit had gekend
En het is dat de stilte die overblijft
Mediterend, laat me
Als ze een muntje gooien
En ik kies kop, dan is het zij
Ik herinner me haar zelfs niet meer
Mijn vrienden herinneren me eraan, geen gezeik
Ik zou willen dat ik doof was en deed alsof ik haar nooit had gekend
Ay, hé, ik zou willen dat ik doof was en deed alsof ik haar nooit had gekend
Ik opende de deur zodat een nieuwe liefde kon binnenkomen
En die treurige herinneringen een einde zouden hebben
Ik herinner me haar zelfs niet meer
Mijn vrienden herinneren me eraan, geen gezeik
Ik zou willen dat ik doof was en deed alsof ik haar nooit had gekend
Escrita por: Franco Argüelles