Olhando Pra Mim
Ela que pegou meu telefone
E veio vestida de Louis Vui'
Ela vem gritando por meu nome
É a mais maluca que eu já vi
Vai sentar no grau, vai sentar no pau olhando pra mim
Tu senta tão bem, eu não vi ninguém que sentasse assim
Vai sentar no grau, vai sentar no pau olhando pra mim
Tu senta tão bem, eu não vi ninguém que sentasse assim
Ela nasceu em um bairro rico
Hoje veio pra Jardim Paulista
Eu falei que tava com um amigo
Ela já brotou com uma amiga
Sexta-feira, o bonde tá tranquilo
Tem churrasco e muita fumaça
Ela gosta mesmo é daquilo
Ela vai acordar lá еm casa
Ela adora o baile de bandido
E foder sob еfeito de bala
Vai sarrar na peça dos menino'
Vai ser cinco dia' de balada
Ela que pegou meu telefone
E veio vestida de Louis Vui'
Ela vem gritando por meu nome
É a mais maluca que eu já vi
Vai sentar no grau, vai sentar no pau olhando pra mim
Tu senta tão bem, eu não vi ninguém que sentasse assim
Vai sentar no grau, vai sentar no pau olhando pra mim
Tu senta tão bem, eu não vi ninguém que sentasse assim
Kijk Naar Mij
Zij die mijn telefoon nam
En kwam aan in Louis Vuitton
Zij schreeuwt mijn naam hard
Ze is de gekste die ik heb gezien
Ze gaat zitten, gaat zitten, kijkt naar mij
Jij zit zo goed, ik heb niemand gezien die zo zit
Ze gaat zitten, gaat zitten, kijkt naar mij
Jij zit zo goed, ik heb niemand gezien die zo zit
Ze is geboren in een rijke wijk
Vandaag in Jardim Paulista
Ik zei dat ik met een vriend was
Ze kwam al binnen met een vriendin
Vrijdagavond, de sfeer is relaxed
Er is een barbecue en veel rook
Ze houdt echt van dat soort dingen
Ze wordt wakker bij mij thuis
Ze houdt van het feestje van de bad boys
En neuken onder invloed van drugs
Ze gaat met de jongens dansen
Vijf dagen feesten
Zij die mijn telefoon nam
En kwam aan in Louis Vuitton
Zij schreeuwt mijn naam hard
Ze is de gekste die ik heb gezien
Ze gaat zitten, gaat zitten, kijkt naar mij
Jij zit zo goed, ik heb niemand gezien die zo zit
Ze gaat zitten, gaat zitten, kijkt naar mij
Jij zit zo goed, ik heb niemand gezien die zo zit
Escrita por: Diomedes Chinaski, Pablo Geronimo