395px

Goddelijke Bestaan

Dúo Zimrah

Divina Existencia

Que nadie me venga a decir que ya nadie me ama
Cuando el creador de este mundo por mí se entregó
Que nadie se atreva a negar su divina existencia
Cuando me despierto abrazado por su protección
Que solamente Él pudo hacer alguien de un nadie como yo

Y me recuerda a lo profundo del mar el perdón que me entrega
Y en el eco de mi soledad retumbó su presencia
Se quedó cuando no había nadie sentado en mi mesa
Y desde entonces no puedo entender cómo viví en su ausencia

Que soy producto del azar, eso ya lo he escuchado
Que el mundo se terminará y que no sirve mi fe
Más nadie me puede quitar lo que Dios me ha entregado
Porque, aunque todo se derrumbe, siento paz en mi ser
Y nada que construya aquí puede igualarse a Él

Y me recuerda a lo profundo del mar el perdón que me entrega
Y en el eco de mi soledad retumbó su presencia
Se quedó cuando no había nadie sentado en mi mesa
Y desde entonces no puedo entender cómo viví en su ausencia

Me duele recordar que no había más
Que un vacío profundo, que intenté llenar
Con tantas mentiras, pues no conocía que eras la verdad
Y sé que no merezco tu sanidad
Yo te herí primero y me curaste igual
Me llamaste hijo, me pusiste nombre
Y me diste un lugar

Y me recuerda a lo profundo del mar el perdón que me entrega
Y en el eco de mi soledad retumbó su presencia
Se quedó cuando no había nadie sentado en mi mesa
Y desde entonces no puedo entender cómo viví en su ausencia

Goddelijke Bestaan

Dat niemand me komt vertellen dat niemand me meer liefheeft
Wanneer de schepper van deze wereld zich voor mij heeft overgegeven
Dat niemand zich waagt te ontkennen zijn goddelijke bestaan
Wanneer ik wakker word, omarmd door zijn bescherming
Dat alleen Hij iemand van een niemand zoals ik kon maken

En het herinnert me aan de diepte van de zee, de vergeving die hij me geeft
En in de echo van mijn eenzaamheid weerklonk zijn aanwezigheid
Hij bleef toen er niemand aan mijn tafel zat
En sindsdien kan ik niet begrijpen hoe ik in zijn afwezigheid leefde

Dat ik een product van toeval ben, dat heb ik al gehoord
Dat de wereld zal eindigen en dat mijn geloof niet helpt
Maar niemand kan me afnemen wat God me heeft gegeven
Want, ook al stort alles in, voel ik vrede in mijn wezen
En niets wat ik hier bouw kan zich met Hem meten

En het herinnert me aan de diepte van de zee, de vergeving die hij me geeft
En in de echo van mijn eenzaamheid weerklonk zijn aanwezigheid
Hij bleef toen er niemand aan mijn tafel zat
En sindsdien kan ik niet begrijpen hoe ik in zijn afwezigheid leefde

Het doet pijn te herinneren dat er niet meer was
Dan een diepe leegte, die ik probeerde te vullen
Met zoveel leugens, want ik kende niet dat jij de waarheid was
En ik weet dat ik jouw genezing niet verdien
Ik heb jou eerst verwond en jij genas me ook
Je noemde me zoon, je gaf me een naam
En je gaf me een plek

En het herinnert me aan de diepte van de zee, de vergeving die hij me geeft
En in de echo van mijn eenzaamheid weerklonk zijn aanwezigheid
Hij bleef toen er niemand aan mijn tafel zat
En sindsdien kan ik niet begrijpen hoe ik in zijn afwezigheid leefde

Escrita por: Dúo Zimrah