Señora
A su vera soy un niño
¿Cómo andamos de salud?
Le tengo tanto cariño
Quisiera hablarle de tú
Pa' todo el mundo eres la "vieja"
Te llamas Rosa, Manuela
Rosario, Regla o Pilar
Tu vida es una novela
Que anda buscando el final
No me empiece a contar
Señora de aquellos tiempos
Del lavadero y la cal
Hay que hacerte un monumento
Y nadie te ha hecho na'
Tienes la gloria gana'
Dolores, Ana, María
Carmen, Concha o Soledad
Qué guapa estás todavía
Con tu cara escamondada
No hace falta preguntarte
Ni tu nombre, ni tu edad
Déjame que yo le cante
A tus manos arruga'
Nunca fueron a la escuela
Apenas saben de cuentas
Ni aprendieron a jugar
Tus manos son dos leyendas
Y nadie te ha dicho na'
Tu vida fue siempre igual
De algofifa y escalera
De rodillas encalladas
Tus manos son pa' cogerlas
Y besarlas sin parar
Tu nombre suena a verdad
Teresa, Juana, Josefa
Rafaela o Caridad
Déjame ver la belleza
De tus manos arruga'
Trae la guitarra, compadre
¿A quién le vas a cantar?
A los pechos que una tarde
Me hartaron de mamar
Ella quiso amamantarme
Que no podía mi madre
Cómo le voy a pagar
A alguien que quiso darme
De su hijo la mitad
El campo te vio luchar
De algodones y olivares
De vendimia y arrozal
Tú que siempre te aviaste
Con los flecos de un jornal
Seca tus ojos, mujer
Milagros, Paca, Rocío
Candelaria, Isabel
Quién se quedará dormido
En tus pechos otra vez
Señora, me da dos besos
Que no la quiero cansar
Le agradezco el consentimiento
Pa' poderla tutear
Ni la sonrisa pintada
Fue su marido y sus niños
Su único capital
Usted vivió con cariño
Su vida pa' los demás
Qué más me puede contar
Señora de aquellos tiempos
Del lavadero y la cal
Hay que hacerte un monumento
Y nadie te ha hecho na'
Señora, qué guapa está
Consuelo, Antonia, Luisa
Mercedes o Trinidad
Gracias por darle la vida
A quién no la olvidará
Mevrouw
Bij jou ben ik een kind
Hoe gaat het met de gezondheid?
Ik heb zoveel genegenheid
Ik zou je graag tutoyeren
Voor iedereen ben je de "oude"
Je heet Rosa, Manuela
Rosario, Regla of Pilar
Je leven is een roman
Die op zoek is naar het einde
Begin niet te vertellen
Mevrouw van die tijden
Van de wasplaats en de kalk
Je verdient een monument
En niemand heeft je iets gegeven
Je hebt de glorie verdiend
Dolores, Ana, Maria
Carmen, Concha of Soledad
Wat zie je er nog mooi uit
Met je gerimpelde gezicht
Het is niet nodig je te vragen
Je naam of je leeftijd
Laat me maar voor je zingen
Over je gerimpelde handen
Ze zijn nooit naar school geweest
Weinig weten ze van rekenen
Ze hebben niet leren spelen
Je handen zijn twee legendes
En niemand heeft je iets gezegd
Je leven was altijd hetzelfde
Van katoen en trappen
Van knieën vol schrammen
Je handen zijn om te pakken
En ze zonder ophouden te kussen
Je naam klinkt als de waarheid
Teresa, Juana, Josefa
Rafaela of Caridad
Laat me de schoonheid zien
Van je gerimpelde handen
Breng de gitaar, maat
Aan wie ga je zingen?
Aan de borsten die me op een dag
Zoveel hebben laten drinken
Zij wilde me voeden
Omdat mijn moeder het niet kon
Hoe kan ik iemand betalen
Die me de helft gaf
Van haar kind
Het veld heeft je zien strijden
Van katoen en olijfbomen
Van de oogst en rijstvelden
Jij die altijd je best deed
Met de franjes van een dagloon
Droog je ogen, vrouw
Milagros, Paca, Rocío
Candelaria, Isabel
Wie zal er weer in slaap vallen
Op je borsten
Mevrouw, geef me twee kussen
Want ik wil je niet vermoeien
Ik dank je voor de toestemming
Om je te tutoyeren
Geen geschilderde glimlach
Was je man en je kinderen
Je enige kapitaal
Jij hebt met liefde geleefd
Je leven voor anderen
Wat kan je me nog vertellen
Mevrouw van die tijden
Van de wasplaats en de kalk
Je verdient een monument
En niemand heeft je iets gegeven
Mevrouw, wat zie je er mooi uit
Consuelo, Antonia, Luisa
Mercedes of Trinidad
Dank je voor het leven geven
Aan wie het niet zal vergeten