Cantiga de Amigo
Lá na Casa dos Carneiros
Onde os violeiros vão cantar
Louvando você em cantigas de amigo
Cantando comigo, somente porque
Você é minha amiga mulher
Lua nova do céu, que já não me quer
Dezessete é minha conta
Minha amiga, conta uma coisa linda pra mim
Conta os fios dos seus cabelos
Sonhos e anelos
Conta-me se o amor não tem fim
Madre amiga é ruim
Me mentiu, jurando amor que não tem fim
Lá na Casa dos Carneiros
Sete candeeiros iluminam a sala de amor
Sete violas em clamores
Sete cantadores
São sete tiranas de amor
Para amiga em flor
Que partiu e até hoje não voltou
Dezessete é minha conta
Vem, amiga, e conta uma coisa linda pra mim
Pois, na Casa dos Carneiros
Violas e violeiros
Só vivem clamando assim
Madre amiga é ruim
Me mentiu jurando amor que não tem fim
Lied van de Vriendin
Daar in het Huis van de Schapen
Waar de muzikanten gaan zingen
Jou prijzend in liederen van de vriendin
Zingend met mij, alleen omdat
Jij mijn vriendin bent, vrouw
Nieuwe maan aan de hemel, die me niet meer wil
Zeventien is mijn telling
Mijn vriendin, vertel me iets moois
Vertel de strengen van je haar
Dromen en verlangens
Vertel me of de liefde geen einde kent
Moeder, vriendin, dat is slecht
Ze loog tegen me, zwoer liefde die geen einde kent
Daar in het Huis van de Schapen
Zeven lampen verlichten de liefdevolle zaal
Zeven gitaren in geklaag
Zeven zangers
Zijn zeven tirannen van de liefde
Voor de vriendin in bloei
Die vertrok en tot nu toe niet is teruggekeerd
Zeventien is mijn telling
Kom, vriendin, en vertel me iets moois
Want in het Huis van de Schapen
Gitaren en muzikanten
Leven alleen maar zo te klagen
Moeder, vriendin, dat is slecht
Ze loog tegen me, zwoer liefde die geen einde kent