Vespre
Cap al vespre s quan, ests com cansat,
i no saps el que fer i et quedes fixat,
i et trobes molt sol, i el soroll s'esvaeix,
i mires el carrer i no hi ha gaire gent.
I canvien els sons i tot sembla ms mort,
i vols cridar ben fort, que ests fins els collons.
Cap el vespre ests trist i no saps on anar,
i et prepares un wisky i no te'l pots acabar.
I t'encens un cigarro, sense ganes de fumar
i l'apagues aviat i et tornes a aixecar,
i de sobte tens por, de sentir-te tan buit,
i te'n vas cap al pub i no hi trobes ning.
I surts fora el carrer, i comences a crrer,
i el vent et va assecant, el que sembla una llgrima,
i t'atures cansat, amb el nas ple de mocs,
i t'empatxes de nit i respires ben fort, fort, fort.
Cap al vespre s quan ests com cansat,
i no saps el que fer i et quedes fixat,
cap al vespre ests trist i no hi trobes ning,
i mires al carrer i no hi ha gaire gent.
Avond
Naar de avond toe, als je moe bent,
en je weet niet wat te doen en je blijft maar staren,
en je voelt je zo alleen, en het geluid vervaagt,
en je kijkt naar de straat en er is niet veel volk.
De geluiden veranderen en alles lijkt dood,
en je wilt heel hard schreeuwen, want je hebt er genoeg van.
Naar de avond toe ben je verdrietig en weet je niet waarheen,
en je maakt een whisky en je kunt hem niet opdrinken.
Je steekt een sigaret op, zonder zin om te roken,
en je dooft hem snel en staat weer op,
en plotseling voel je angst, om je zo leeg te voelen,
en je gaat naar de kroeg en vindt er niemand.
Je gaat naar buiten op straat, en begint te rennen,
en de wind droogt je tranen, wat lijkt op een traan,
en je stopt moe, met een neus vol snot,
en je raakt verstrikt in de nacht en ademt diep in, in, in.
Naar de avond toe, als je moe bent,
en je weet niet wat te doen en je blijft maar staren,
en naar de avond toe ben je verdrietig en vind je niemand,
en je kijkt naar de straat en er is niet veel volk.