The Leavening Rot
The stir of dawn, a calming embrace for the fire
(The Sun burns away at the rot)
A parasite on the soul, sickness of man
It gnawed its way, a discordant voice in the choir
(Speaking its will to all ears)
The venom of words injected, through hidden fangs
Wanderer of bleeding hands
Cast away the son of man
Pathbreaker by tongue and nail
Deliverer by song or force of hand
De Gisting Rot
De beweging van de dageraad, een kalmerende omhelzing voor het vuur
(De zon brandt het rot weg)
Een parasiet op de ziel, de ziekte van de mens
Het knaagde zich een weg, een dissonante stem in het koor
(Spreekt zijn wil tot alle oren)
Het gif van woorden geïnjecteerd, door verborgen tanden
Zwerver met bloedende handen
Verwerp de zoon van de mens
Padbreker met tong en nagel
Bevrijder door lied of kracht van hand