Mensen en stemmen
"Ja, ik dacht, als de tienerzangeressen op de festivals liefdesliedjes gaan
zingen, wil ik het ook proberen. De zogenaamde wegwerpartiesten. "En Sonja
vind jij het niet geweldig dat er van jou een L.P. is gemaakt?" "O meneer
fetasties." "En met welke song heb jij het zover gebracht?" "Met all you need
is bluf." "En ben je niet bang dat er geen hond naar die plaat zal luis
teren?" "Nee, meneer, het is His Masters Voice."
Zo'n beetje hesige stem, ik weet zelf niet waarom. Dat is nog heel subtiel
dames en heren. Ieder beroep heeft zijn eigen stem
Een pianostemmer moet anders praten dan een dokter. En een wielrenner praat
weer anders. Een wielrenner praat zo: "Nougisterelagewedusinde
etappenaarperpienjanlagewedusaankop endanhopewemorge
innetalgemeenklassemententeengoedebeurtemake
ennasweblijvetreenekomtallesdikvoorelkaar."
Je zou schrikken als een wielrenner anders ging praten. "Ja inderded, we
hebben vandaag verrukkelijk gefietst!"
Die man kan niet fietsen, dat kun je zo horen
Neem een ander beroep: een generaal. Een generaal moet kortaf spreken
"Mannen. Er is weer sabotage gepleegd. Aan een tank. Iemand heeft er een
tijger in gestopt."
Dat moet zo. Stel je voor, een generaal die het anders doet: "Noo jongeleu
azde veeand kom izzut eutkeeken jeblazen, he?"
Stemmen horen bij beroepen. Stel voor, u houdt een wildvreemde meneer aan op
straat en u vraag: Wat is uw beroep? En die man die antwoordt: "Jonge, ik hep
nou weer een boantje, je lag je egge rot, ik sit hier aan de universitet, as
professor in de sterrenkunde."
Dat kan niet. Zover zijn we nog niet
Ander beroep. Een vakbondsleider. Een vakbonsbons moet de leden van zijn
vakbond manhaftig toespreken en hen duidelijk maken waarom er weer niet
gestaakt kan worden
"Mannen. Aangezien. De gehele stakingskas. Van onze vakbond. Belegd is. In
aandelen. Van deze fabriek. Is het niet verstandig. Hier een staking. Te
beginnen."
Stel voor dat-ie het anders ging doen, zo van:" He nee, arbeiders, doe niet
eng, toe nou."
Aardige man, maar geen vakbondsleider
Stemmen horen bij beroepen. Als u aan het winkelen bent in de Bijenkorf
verwacht u van de omroepster een bepaalde stem
"Meneer Meyer, vierentwintig-twaalf."
"Meneer van Mierlo, D-zesenzestig."
"Kinderen van Dalen, oma afhalen bij de klantenservice."
Ja, waarom mag een oma nooit zoekraken? Dat vind ik eigenlijk gemeen
Als een oma en een kind elkaar kwijtraken zeggen ze altijd: het kind is
weggelopen. Maar dat is helemaal niet zeker
Nou ja, ik heb het allemaal van horen zeggen, want ik kom nooit in de
Bijenkorf. Ik vind het zo'n enge zaak, met die gekke spreuk op de gevel: "De
Bijenkorf heeft 't." Ik heb het ook wel es. Maar dat zet je toch niet op de
gevel
Weet u waar ook zo mooi wordt omgeroepen? Op Schiphol. Maar daar doen ze het
heel anders. Op Schiphol gaat het zo: (echo-effect)
"Passengers for London exit twenty two as soon as possible."
Dat moet zo. Anders reageert er niemand. Nee, dat heeft het TNO helemaal
uitgevlooid. Die hebben iemand laten omroepen: "Persoon die nonna Londn
motn, asdesodemieter naar uutgang tswee en tswintig." Niemand reageerde. Ik
had het ook niet gedaan. Ik had gedacht: een chartervlucht van de
Boerenpartij
Op de radio hoor je ook van die mooie stemmen. Neem de hoorspel-acteur. Die
moet op een bepaald toontje praten. Ja, stel je voor dat ze in een hoorspel
gewoon gingen praten. Dan zou je zeggen: dat is geen hoorspel, dat is echt
Nou, als ze op de radio helemaal geen raad meer met ons weten, dan komt er weer
zo'n actualiteitenrubriek. We hebben nu 90 nieuwsuitzendingen per dag geloof
ik, maar ja, je weet toch maar nooit wat er in de tussentijd nog kan gebeuren
en daarom gaan ze na het nieuws al die mensen nog eens opbellen ook. Dan krijg
je het nieuws weer een keer, maar nou door de telefoon
"Manipoer, uw correspondent Jan Klaassen. De toestand is hier zeer verward."
(Ja, anders wordt-ie teruggeroepen, dus hij zorgt wel dat de toestand verward
blijft.)
"Extremisten hebben allerlei vernielingen aangericht. In de haven is een
rubberboot opgeblazen. Op het vliegveld is een vliegtuig de lucht in gevlogen
En in een broodjeszaak is de staat van beleg afgekondigd."
O, dat hoor je ook wel eens op de radio: familiegroeten aan zeevarenden en
emigranten
Hele studio vol familieleden, schatten van mensen, maar doodzenuwachtig. De
enige die niet zenuwachtig is, is de omroeper en die mag altijd beginnen. "En
dan staan we hier weer met een groepje familieleden en de eerste groet is
bestemd voor de familie Schouten in Montreal. Hier spreekt uw vader."
"Mot ik hier prate?" (hoest ferm in de microfoon)
"Beste Jan en Miep. Dit is de stem van je vader. Met ons is alles prima. Henk
is gezakt, Ria is ontslagen, tante Marie leg in het ziekenhuis, verder alles
goed, je vader."
"En dan spreekt hier ook nog uw tante Jo."
"Niet gedacht, he, de stem van tante Jo ook nog te zullen horen? Ook nog te
zullen horen
Jongen hoe gaat het met jou. Gezondheid
Jongen hoe gaat het met jouw gezondheid? Met die van mij gaat het goed. En dat
is het voornaamste. En nu over oom Karel. Oom Karel is niet meer. Ziek. Wij
hopen van jou hetzelfde. Jongen, gedraag je als een man. Ik doe het ook. Alie
was een schattig bruidje. Ze had zich helemaal van kant gemaakt. Nou jongen
mijn tijd is om. Ik maak het niet lang meer. Nu maak ik er een eind aan." "
Personas y voces
Sí, pensé, si las cantantes adolescentes en los festivales van a cantar canciones de amor, quiero intentarlo también. Los llamados artistas desechables. '¿Y Sonja, no te parece genial que hayan hecho un LP tuyo?' 'Oh, señor fantástico.' '¿Y con qué canción has llegado tan lejos?' 'Con todo lo que necesitas es bluff.' '¿Y no tienes miedo de que nadie escuche ese disco?' 'No, señor, es Su Voz Maestra.'
Una voz un poco ronca, no sé por qué. Eso es muy sutil, damas y caballeros. Cada profesión tiene su propia voz. Un afinador de pianos debe hablar de manera diferente a un médico. Y un ciclista habla de manera diferente. Un ciclista habla así: 'Nougisterelagewedusinde etappenaarperpienjanlagewedusaankop endanhopewemorge innetalgemeenklassemententeengoedebeurtemake ennasweblijvetreenekomtallesdikvoorelkaar.' Te asustarías si un ciclista hablara de manera diferente. 'Sí, en efecto, ¡hoy hemos andado en bicicleta de manera deliciosa!'. Ese hombre no puede andar en bicicleta, se nota.
Tomemos otra profesión: un general. Un general debe hablar de manera brusca. 'Hombres. Se ha cometido sabotaje nuevamente. A un tanque. Alguien ha metido un tigre dentro.' Debe ser así. Imagina, un general que lo hiciera de manera diferente: 'No, muchachos, no se pongan nerviosos, por favor.' Es un hombre agradable, pero no es un líder sindical.
Las voces van de la mano con las profesiones. Imagina que detienes a un hombre desconocido en la calle y le preguntas: '¿Cuál es tu profesión?' Y ese hombre responde: 'Joven, tengo un trabajo ahora, te sorprenderías, estoy aquí en la universidad, como profesor de astronomía.' Eso no puede ser. Todavía no hemos llegado a eso.
Otra profesión. Un líder sindical. Un líder sindical debe dirigirse valientemente a los miembros de su sindicato y explicarles por qué no pueden ir a huelga de nuevo. 'Hombres. Dado que. Todo el fondo de huelga. De nuestro sindicato. Está invertido. En acciones. De esta fábrica. No es prudente. Comenzar una huelga. Aquí.' Imagina si lo hiciera de manera diferente, algo así como: 'Ey, no, trabajadores, no se pongan raros, por favor.' Es un hombre agradable, pero no es un líder sindical.
Las voces van de la mano con las profesiones. Cuando estás de compras en la tienda Bijenkorf, esperas cierta voz del locutor. 'Señor Meyer, veinticuatro-doce.' 'Señor van Mierlo, D-seisysesenta.' 'Niños de Dalen, recoger a la abuela en el servicio al cliente.' Sí, ¿por qué una abuela nunca puede perderse? Eso me parece cruel. Cuando una abuela y un niño se pierden, siempre dicen: el niño se escapó. Pero eso no está confirmado.
Bueno, todo lo he escuchado de oídas, porque nunca voy a la Bijenkorf. Me parece una tienda espeluznante, con ese lema extraño en la fachada: 'La Bijenkorf lo tiene.' Yo también lo tengo a veces. Pero no lo pondría en la fachada. ¿Sabes dónde también se hacen anuncios bonitos? En Schiphol. Pero allí lo hacen de manera diferente. En Schiphol es así: (efecto de eco) 'Pasajeros con destino a Londres, salgan por la puerta veintidós lo más rápido posible.' Debe ser así. Si no, nadie reacciona. No, el TNO lo ha investigado a fondo. Hicieron que alguien anunciara: 'Persona que va a Londres, salga por la puerta veintidós.' Nadie reaccionó. Yo tampoco lo habría hecho. Habría pensado: un vuelo chárter del Partido de los Agricultores.
En la radio también se escuchan voces hermosas. Tomemos al actor de radioteatro. Debe hablar en un tono específico. Sí, imagina si en un radioteatro simplemente hablaran. Dirías: eso no es un radioteatro, es real.
Bueno, si en la radio ya no saben qué hacer con nosotros, entonces llega un programa de actualidad. Creo que ahora tenemos 90 noticias al día, pero nunca se sabe lo que puede suceder en el interín, por eso después de las noticias llaman a todas esas personas de nuevo. Entonces recibes las noticias otra vez, pero esta vez por teléfono. 'Manipoer, su corresponsal Jan Klaassen. La situación aquí es muy confusa.' (Sí, de lo contrario lo llaman de vuelta, así que se asegura de que la situación siga confusa). 'Los extremistas han causado todo tipo de destrozos. En el puerto han explotado un bote de goma. En el aeropuerto un avión se ha estrellado. Y en una tienda de bocadillos se ha declarado el estado de sitio.'
Oh, también se escucha en la radio: saludos familiares a marineros y emigrantes. Todo el estudio lleno de familiares, personas encantadoras, pero muy nerviosas. El único que no está nervioso es el locutor y siempre puede empezar. 'Y aquí estamos de nuevo con un grupo de familiares y el primer saludo es para la familia Schouten en Montreal. Aquí habla tu padre.' '¿Debo hablar aquí?' (tose con firmeza en el micrófono) 'Querido Jan y Miep. Esta es la voz de tu padre. Todo está bien con nosotros. Henk ha suspendido, Ria ha sido despedida, tía Marie está en el hospital, por lo demás todo bien, tu padre.' 'Y ahora también habla tu tía Jo.' 'No lo esperabas, ¿verdad? ¿Escuchar la voz de tu tía Jo también? ¿Escucharla también? Muchacho, ¿cómo estás? ¿Salud? Muchacho, ¿cómo está tu salud? La mía está bien. Y eso es lo más importante. Y ahora sobre el tío Karel. El tío Karel ya no está. Enfermo. Esperamos lo mismo de ti. Muchacho, compórtate como un hombre. Yo también lo hago. Alie era una novia encantadora. Se había arreglado completamente. Bueno, muchacho, mi tiempo se acaba. No me queda mucho. Ahora termino.'