Angelus
おさないてんしたちむちうたれなげく
Osanai tenshitachi muchiutare nageku
のぞみはたたれてくびがきしむ
Nozomi wa tatarete kubi ga kishimu
くるったあくまたちきずあとをえぐる
Kurutta akumatachi kizuato wo eguru
ざんこくなわなでえじきとなる
Zankokuna wana de ejiki tonaru
こごえるよるかいらくさえみたされ
Kogoeru yoru kairaku sae mitasare
ならくのそこにきえゆく
Naraku no soko ni kie yuku
なきだすよるじおうねつさえ
Nakidasu yoru jiounetsu sae
じごくのほのおでやきつくされて
Jigoku no honoo de yakitsukusarete
おさないてんしたちちのうみでもどえ
Osanai tenshitachi chi no umi de modae
のぞみはたたれてゆびがきしむ
Nozomi wa tatarete yubi ga kishimu
こごえるよるかいらくさえみたされ
Kogoeru yoru kairaku sae mitasare
ならくのそこにきえゆく
Naraku no soko ni kie yuku
なきだすよるじおうねつさえ
Nakidasu yoru jiounetsu sae
じごくのほのおでやきつくされて
Jigoku no honoo de yakitsukusarete
Angelus
De jonge engelen worden gestraft en wonden
De hoop wordt neergeslagen, mijn nek kraakt
De gekke demonen graven wonden diep
Een wrede val wordt hun prooi
De bevroren nacht, zelfs genot wordt niet vervuld
Verdwijnend in de diepte van de hel
De huilende nacht, zelfs de hitte van de koning
Wordt verbrand door de vlammen van de hel
De jonge engelen worden gestraft in de zee van hun zonden
De hoop wordt neergeslagen, mijn vingers kraken
De bevroren nacht, zelfs genot wordt niet vervuld
Verdwijnend in de diepte van de hel
De huilende nacht, zelfs de hitte van de koning
Wordt verbrand door de vlammen van de hel