Wie ik ben
Vroeger miste ik de vrienden
Die ik uit het oog verloren had
Dat waren vrienden van vroeger
En ik bezong verliefd de meisjes
Met wie ik nooit iets had gehad
Dat zijn liefdes van vroeger
Feesten, stranden, wilde jaren
Die ik in mijn onschuld nooit vergat
Maar dat zijn jaren van vroeger
Wat ik nu zie in het verleden
Zijn de toekomstmogelijkheden
Ik kreeg tranen in mijn ogen
Als ik aan vroeger dacht
Maar dat zijn tranen van vroeger
Ik zocht mijn heden in het verleden
Heb van mijn toekomst niets verwacht
Maar dat was het heden van vroeger
Ik was gelukkig als ik droomde
En ik me verbergen kon
Maar dat is het geluk van vroeger
Ik was bang voor de volwassenheid
Die ik in mijn jeugd verzon
Maar dat is angst van vroeger
Toch moet ik er niet aan denken
Dat jij je ooit in mij vergist
Want dan zul je moeten schuilen
Voor nieuwe tranen die ik zal huilen
En misschien zal het weer tien jaar duren
Voor ik die heb weggewist
En misschien zal het weer tien jaar duren
Quién soy
Antes extrañaba a los amigos
Que había perdido de vista
Esos eran amigos de antes
Y cantaba enamorado a las chicas
Con las que nunca tuve nada
Esos son amores de antes
Fiestas, playas, años salvajes
Que en mi inocencia nunca olvidé
Pero esos son años de antes
Lo que veo ahora en el pasado
Son las posibilidades futuras
Tenía lágrimas en los ojos
Cuando pensaba en el pasado
Pero esas son lágrimas de antes
Buscaba mi presente en el pasado
No esperaba nada de mi futuro
Pero eso era el presente de antes
Era feliz cuando soñaba
Y podía esconderme
Pero esa es la felicidad de antes
Tenía miedo de la adultez
Que inventaba en mi juventud
Pero ese es el miedo de antes
Aun así, no debo pensar
Que alguna vez te equivoques conmigo
Porque entonces tendrás que esconderte
De nuevas lágrimas que lloraré
Y tal vez pasen otros diez años
Antes de borrarlas
Y tal vez pasen otros diez años