Frammenti di Universo
Scende la notte tra gli alberi
Brilla la luna e i pianeti
Appesi come miracoli sospesi, sospesi
Dentro gli occhi di un bambino
Tra la reti dei cortili
Aspettando la felicità, la felicità
Siamo sogni nel vento, siamo nuvole
Sorrisi che resistono alle lacrime
Potessimo noi ora, da ora, rubare il mantello agli eroi
Siamo segni nel cielo, siamo fulmine
La strada sotto i fari delle macchine
Qui a chiederci ancora, se ancora, possiamo ancora fidarci di noi
Frammenti di universo
E forse è il canto di un angelo
Ma è solo pioggia sui vetri
Poi ci sentiamo più fragili e indifesi, indifesi
Come i fiori sui balconi
Gatti sotto i temporali
Se piovesse la felicita, la felicità
Siamo sogni nel vento, siamo nuvole
Sorrisi che resistono alle lacrime
Potessimo noi ora, da ora, rubare il mantello agli eroi
Siamo segni nel cielo, siamo fulmine
La strada sotto i fari delle macchine
Per chiederci ancora, se ancora
Possiamo fidarci di noi
Frammenti di universo
Di silenzio e di cose non dette
Frammenti di universo
Che si giurano amore per sempre
Siamo sogni nel vento, siamo nuvole
Sorrisi che resistono alle lacrime
Potessimo noi ora, da ora, rubare il mantello agli eroi
Siamo segni nel cielo, siamo fulmine
La strada sotto i fari delle macchine
Qui a chiederci ancora, se ancora
Possiamo fidarci, possiamo fidarci di noi
Frammenti di universo
Frammenti di universo
Fragmenten van het Universum
De nacht daalt neer tussen de bomen
De maan straalt en de planeten
Hangen als wonderen, zo zwevend, zwevend
In de ogen van een kind
Tussen de netten van de binnenplaatsen
Wachtend op geluk, op geluk
We zijn dromen in de wind, we zijn wolken
Lachjes die de tranen weerstaan
Als we nu, vanaf nu, de mantel van de helden konden stelen
We zijn tekens aan de hemel, we zijn bliksem
De weg onder de koplampen van de auto’s
Hier om ons af te vragen, of we nog steeds, nog steeds, op onszelf kunnen vertrouwen
Fragmenten van het universum
En misschien is het het gezang van een engel
Maar het is gewoon regen op de ruiten
Dan voelen we ons kwetsbaarder en weerloos, weerloos
Als de bloemen op de balkons
Katten onder de stormen
Als het geluk zou regenen, het geluk
We zijn dromen in de wind, we zijn wolken
Lachjes die de tranen weerstaan
Als we nu, vanaf nu, de mantel van de helden konden stelen
We zijn tekens aan de hemel, we zijn bliksem
De weg onder de koplampen van de auto’s
Om ons af te vragen, of we nog steeds
Op onszelf kunnen vertrouwen
Fragmenten van het universum
Van stilte en onuitgesproken dingen
Fragmenten van het universum
Die elkaar eeuwige liefde zweren
We zijn dromen in de wind, we zijn wolken
Lachjes die de tranen weerstaan
Als we nu, vanaf nu, de mantel van de helden konden stelen
We zijn tekens aan de hemel, we zijn bliksem
De weg onder de koplampen van de auto’s
Hier om ons af te vragen, of we nog steeds
Op onszelf kunnen vertrouwen, kunnen vertrouwen op ons
Fragmenten van het universum
Fragmenten van het universum