395px

Je gaat weg

Ismael Serrano

Te vas

Te vas
A la ciudad definitiva sin mí,
Perdonarás que no te vaya a despedir.
La noche corta como un cristal roto y tú
Estarás tan triste como hermosa.

Tu luz
Quemó mis naves cargadas de incertidumbre
Y el corazón que sobre tu mesa yo puse
Para cenar la noche en que nos dispusimos
A saltar de la mano al precipicio.

Y yo procuraré sonreír más a menudo
Y acostarme a una hora prudente.
Tú me enseñaste que afuera siempre
Me está esperando una nueva mañana,
Como aquella nuestra, radiante y soleada.
Como aquella nuestra, radiante y soleada.

Te vas
A la ciudad definitiva y en madrid
Quedamos huérfanos y enfermos. te vas a reír,
Pero pregunto cada noche a los fantasmas
Que habitan mis bares
Cuándo vuelves a casa.
Los días caen lentos como el polen de un árbol
Cubriendo todo mi jardín de desencanto.
Un sucedáneo de la vida será al fin
El tiempo que he de recorrer sin ti.

Y yo procuraré no suspirar tan a menudo
Y acostarme a una hora prudente.
Yo sé que afuera, inevitablemente,
Me está esperando una nueva mañana
-lo prometiste- radiante y soleada.

Y tú procurarás cumplir con lo que has prometido,
Ser fuerte y devorar la manzana.
Has de pensar, cada nueva mañana,
Que un tipo a menudo piensa en ti y sonríe
Aunque quizá no sean sus días más felices.

Y yo procuraré mantener la luz encendida
Por si se te ocurre volver de repente.
Alumbrará este recuerdo incandescente
El camino de vuelta, aquel que trazaron antes
Viejos fugitivos, nuevos amantes.
Viejos fugitivos, nuevos amantes.

Y yo procuraré sonreír más a menudo
Y acostarme a una hora prudente.
Tú me enseñaste que afuera, siempre,
Me está esperando una nueva mañana
Como aquella nuestra,
Radiante y soleada.

Te vas
A la ciudad definitiva sin mí.

Je gaat weg

Je gaat weg
Naar de definitieve stad zonder mij,
Vergeef me dat ik je niet ga uitzwaaien.
De nacht is scherp als gebroken glas en jij
Zult zo verdrietig zijn als mooi.

Jouw licht
Verbrandde mijn schepen vol onzekerheid
En het hart dat ik op jouw tafel legde
Om te dineren die nacht dat we besloten
Hand in hand de afgrond in te springen.

En ik zal proberen vaker te glimlachen
En me op een redelijke tijd te bed leggen.
Jij leerde me dat buiten altijd
Een nieuwe morgen op me wacht,
Zoals die van ons, stralend en zonnig.
Zoals die van ons, stralend en zonnig.

Je gaat weg
Naar de definitieve stad en in Madrid
Zijn we wezenloos en ziek. Je gaat lachen,
Maar ik vraag elke nacht aan de spoken
Die in mijn kroegen wonen
Wanneer je weer thuis komt.
De dagen vallen traag als de pollen van een boom
Die mijn tuin bedekken met teleurstelling.
Een surrogaat van het leven zal uiteindelijk zijn
De tijd die ik zonder jou moet doorbrengen.

En ik zal proberen niet zo vaak te zuchten
En me op een redelijke tijd te bed leggen.
Ik weet dat buiten, onvermijdelijk,
Een nieuwe morgen op me wacht
- je beloofde het - stralend en zonnig.

En jij zult proberen je aan je belofte te houden,
Sterk te zijn en de appel te verorberen.
Je moet denken, elke nieuwe morgen,
Dat een kerel vaak aan je denkt en glimlacht
Ook al zijn het misschien niet zijn gelukkigste dagen.

En ik zal proberen het licht aan te houden
Voor het geval je plotseling terugkomt.
Dit gloedvolle herinnering zal
De weg terug verlichten, die eerder werd getekend
Door oude vluchtelingen, nieuwe geliefden.
Oude vluchtelingen, nieuwe geliefden.

En ik zal proberen vaker te glimlachen
En me op een redelijke tijd te bed leggen.
Jij leerde me dat buiten, altijd,
Een nieuwe morgen op me wacht
Zoals die van ons,
Stralend en zonnig.

Je gaat weg
Naar de definitieve stad zonder mij.

Escrita por: Ismael Serrano