Soñarte
Acabo de soñarte una vez más tendida junto a mí jugando con mi piel, acariciándome, mirándome, diciéndome: Te quiero
Y yo edificaba sin parar castillos de papel, pensando solo en ti, acariciándote, besándote, gritándote: Te quiero
Y desperté, y vi que en mi ventana lentamente amanecía el día
Te imaginé, y quise construir aquel momento cuando fuiste mía
Y te amé, y el blanco de mi almohada profané pensando solo en ti
Acabo de soñarte una vez más, pensando en volver de nuevo junto a mí, y recorrer mi piel un día más, diciéndome: Te quiero
Y desperté, y vi que en mi ventana lentamente amanecía el día
Te imaginé, y quise construir aquel momento cuando fuiste mía
Y te amé, y el blanco de mi almohada profané pensando solo en ti
Y desperté, y vi que en mi ventana lentamente amanecía el día
Te imaginé, y quise construir aquel momento cuando fuiste mía
Y te amé, y el blanco de mi almohada profané pensando solo en ti
Dromen van jou
Ik heb net weer van je gedroomd, liggend naast mij, spelend met mijn huid, me aaien, me aankijken, zeggen: Ik hou van je
En ik bouwde zonder stoppen, kastelen van papier, alleen maar denkend aan jou, je aaien, je kussen, schreeuwen: Ik hou van je
En ik werd wakker, en zag dat het langzaam dag werd bij mijn raam
Ik stelde je voor, en wilde dat moment opbouwen toen je van mij was
En ik hield van je, en het wit van mijn kussen verontreinigde ik, alleen maar denkend aan jou
Ik heb net weer van je gedroomd, denkend aan terugkomen, weer naast mij, en mijn huid verkennen, nog een dag, zeggend: Ik hou van je
En ik werd wakker, en zag dat het langzaam dag werd bij mijn raam
Ik stelde je voor, en wilde dat moment opbouwen toen je van mij was
En ik hield van je, en het wit van mijn kussen verontreinigde ik, alleen maar denkend aan jou
En ik werd wakker, en zag dat het langzaam dag werd bij mijn raam
Ik stelde je voor, en wilde dat moment opbouwen toen je van mij was
En ik hield van je, en het wit van mijn kussen verontreinigde ik, alleen maar denkend aan jou