La Boca
Boca que arrastra mi boca. Boca que me has arrastrado: boca que vienes de lejos a iluminarme de rayos. Alba que das a mis noches un resplandor rojo y blanco. Boca poblada de bocas: pájaro lleno de pájaros. Canción que vuelve las alas hacia arriba y hacia abajo. Muerte reducida a besos, a sed de morir despacio, das a la grama sangrante dos tremendos aletazos. El labio de arriba, el cielo y la tierra el otro labio. Beso que rueda en la sombra: beso que viene rodando desde el primer cementerio hasta los últimos astros. Beso que va a un porvenir de muchachas y muchachos, que no dejarán desiertos ni las calles, ni los campos. ¡Cuánta boca ya enterrada, sin boca, desenterramos! Bebo en tu boca por ellos, brindo en tu boca por tantos que cayeron sobre el vino de los amorosos vasos.
Hoy son recuerdos, recuerdos, besos distantes y amargos. Boca que desenterraste el amanecer más claro con tu lengua.
Tres palabras, tres fuegos has heredado: vida, muerte, amor. Ahí quedan escritas sobre tus labios.
De Mond
Mond die mijn mond sleurt. Mond die me heeft meegesleept: mond die van ver komt om mij te verlichten met stralen. Dageraad die mijn nachten een rode en witte gloed geeft. Mond vol monden: vogel vol vogels. Lied dat de vleugels omhoog en omlaag keert. Dood gereduceerd tot kussen, naar de dorst om langzaam te sterven, geef je het bloederige gras twee enorme klappen. De bovenlip, de hemel en de aarde de andere lip. Kus die in de schaduw rolt: kus die van de eerste begraafplaats komt rollen tot de laatste sterren. Kus die naar een toekomst van meisjes en jongens gaat, die geen woestijnen of straten, noch velden achterlaten. Wat een mond al begraven is, zonder mond, graven we weer op! Ik drink in jouw mond voor hen, ik hef een toast in jouw mond op zoveel die vielen over de wijn van de liefdevolle bekers.
Vandaag zijn het herinneringen, herinneringen, verre en bittere kussen. Mond die de helderste ochtend heeft opgegraven met je tong.
Drie woorden, drie vuren heb je geërfd: leven, dood, liefde. Daar staan ze op je lippen geschreven.
Escrita por: Joan Manuel Serrat, Miguel Hernandez Gilabert