Que Se Llama Soledad
Algunas veces vuelo
Y otras veces
Me arrastro demasiado a ras del suelo
Algunas madrugadas me desvelo
Y ando como un gato en celo
Patrullando la ciudad
En busca de una gatita
A esa hora maldita
En que los bares a punto están de cerrar
Cuando el alma necesita
Un cuerpo que acariciar
Algunas veces vivo
Y otras veces
La vida se me va con lo que escribo
Algunas veces busco un adjetivo
Inspirado y posesivo
Que te arañe el corazón
Luego arrojo mi mensaje
Se lo lleva de equipaje
Una botella, al mar de tu incomprensión
No quiero hacerte chantaje
Solo quiero regalarte una canción
Y algunas veces suelo recostar
Mi cabeza en el hombro de la Luna
Y le hablo de esa amante inoportuna
Que se llama soledad
Algunas veces gano
Y otras veces
Pongo un circo y me crecen los enanos
Algunas veces doy con un gusano
En la fruta del manzano
Prohibido del padre Adán
O duermo y dejo la puerta
De mi habitación abierta
Por si acaso se te ocurre regresar
Más raro fue aquel verano
Que no paró de nevar
Y algunas veces suelo recostar
Mi cabeza en el hombro de la Luna
Y le hablo de esa amante inoportuna
Que se llama soledad
Die heet eenzaamheid
Soms vlieg ik
En andere keren
Kruip ik te veel over de grond
Soms ben ik 's nachts wakker
En loop ik als een kat in de hitte
Patrouillerend door de stad
Op zoek naar een poes
Op dat vervloekte uur
Wanneer de bars bijna sluiten
Als de ziel verlangt
Naar een lichaam om te strelen
Soms leef ik
En andere keren
Gaat het leven aan me voorbij met wat ik schrijf
Soms zoek ik een bijvoeglijk naamwoord
Geïnspireerd en bezitterig
Dat je hart kan krabben
Dan gooi ik mijn boodschap weg
Die wordt meegenomen als bagage
Een fles, naar de zee van jouw onbegrip
Ik wil je geen chantage aan doen
Ik wil je gewoon een liedje geven
En soms leun ik achterover
Mijn hoofd op de schouder van de Maan
En praat ik over die ongelegen minnaar
Die eenzaamheid heet
Soms win ik
En andere keren
Zet ik een circus op en groeien de dwergen
Soms kom ik een worm tegen
In de vrucht van de appelboom
Verboden van vader Adam
Of ik slaap en laat de deur
Van mijn kamer open
Voor het geval je besluit terug te komen
Raar was die zomer
Die niet stopte met sneeuwen
En soms leun ik achterover
Mijn hoofd op de schouder van de Maan
En praat ik over die ongelegen minnaar
Die eenzaamheid heet