395px

Het Lied Van De Piraat

Jose de Espronceda

La Canción Del Pirata

Con diez cañones por banda
Viento en popa a toda vela
No corta el mar si no vuela
Un velero bergantín

Bajel pirata que llaman
Por su bravura el temido
En todo el mar conocido
Del uno al otro confín

La luna en el mar riela
Y en la lona gime el viento
Y alza en blando movimiento
Olas de plata y azul

Y ve el capitán pirata
Cantando alegre en la popa
Asia a un lado, al otro Europa
Y allá a su frente estambul

Navega velero mío
Sin temor que ni enemigo navío
Ni tormenta ni bonanza
Tu rumbo a torcer alcanza

Ni a sujetar tu valor
Veinte presas hemos hecho
A despecho del inglés
Y han rendido sus pendones

Cien naciones a mis pies
Que es mi barco mi tesoro
Que es mi Dios mi libertad
Mi ley la fuerza y el viento
Mi única patria la mar

Allá muevan feroz guerras
Ciegos reyes, por un palmo más de tierra
Que yo tengo aquí por mío
Cuanto abarca el mar bravío
A quien nadie impuso leyes

Y no hay playa sea cualquiera
Ni bandera de esplendor
Que no sienta mi derecho
Y de pecho a mi valor

Que es mi barco mi tesoro
Que es mi Dios mi libertad
Mi ley la fuerza y el viento
Mi única patria la mar

Het Lied Van De Piraat

Met tien kanonnen aan boord
Wind in de zeilen, volle kracht
De zee snijdt niet als hij niet vliegt
Een zeilboot, een bergantijn

Een piratenschip dat ze noemen
Om zijn moed, de gevreesde
In heel de zee bekend
Van de ene naar de andere grens

De maan weerkaatst op de zee
En de wind zucht in het zeil
En heft in zachte beweging
Golven van zilver en blauw

En de piraatkapitein ziet
Vrolijk zingend aan de achtersteven
Azië aan de ene kant, Europa aan de andere
En daar recht voor hem, Istanbul

Zeil, mijn zeilboot
Zonder angst, geen vijandelijk schip
Geen storm of kalmte
Zal je koers kunnen veranderen

Of je moed kunnen bedwingen
Twintig buit hebben we gemaakt
Terwijl we de Engelsen in de schaduw lieten
En ze hebben hun vlaggen neergelegd

Honderd naties aan mijn voeten
Want mijn schip is mijn schat
Want mijn God is mijn vrijheid
Mijn wet is de kracht en de wind
Mijn enige vaderland is de zee

Daar voeren woeste oorlogen
Blinde koningen, voor een stukje meer land
Want ik heb hier voor mij
Wat de woeste zee omarmt
Aan wie niemand wetten heeft opgelegd

En er is geen strand, hoe dan ook
Geen vlag van glorie
Die niet mijn recht voelt
En mijn moed in mijn borst

Want mijn schip is mijn schat
Want mijn God is mijn vrijheid
Mijn wet is de kracht en de wind
Mijn enige vaderland is de zee

Escrita por: Espronceda José