395px

Baksteen

Juan Andrés Caruso

Ladrillo

Allá en la Penitenciaria
Ladrillo llora su pena,
cumpliendo injusta condena
aunque mató en buena ley.

Los jueces lo condenaron
sin comprender que Ladrillo
fue siempre bueno y sencillo,
trabajador como un buey.

Ladrillo está en la cárcel...
el barrio lo extraña.
Sus dulces serenatas
ya no se oyen más.

Los chicos ya no tienen
su amigo querido,
que siempre moneditas
les daba al pasar.

Los jueves y domingos
se ve una viejita
llevando un paquetito
al que preso está.

De vuelta la viejita
los chicos preguntan:
-Ladrillo, ¿cuándo sale?
-Dios sólo sabrá...

El día que con un baile
su compromiso sellaba
un compadrón molestaba
a la que era su amor.

Jugando entonces su vida,
en duelo criollo, Ladrillo,
le sepultó su cuchillo
partiéndole el corazón.

Baksteen

Daar in de gevangenis
Huilt Baksteen om zijn verdriet,
Een onrechtvaardige straf,
Ook al doodde hij in goede trouw.

De rechters hebben hem veroordeeld
Zonder te begrijpen dat Baksteen
Altijd goed en eenvoudig was,
Hardwerkend als een os.

Baksteen zit in de cel...
De buurt mist hem.
Zijn zoete serenades
Zijn niet meer te horen.

De kinderen hebben niet meer
Hun geliefde vriend,
Die altijd muntjes
Aan hen gaf als hij voorbijging.

Op donderdag en zondag
Zien we een oude vrouw
Die een pakketje brengt
Voor degene die gevangen zit.

Als de oude vrouw terugkomt
Vragen de kinderen:
-Baksteen, wanneer kom je vrij?
-Alleen God weet het...

De dag dat hij met een dans
Zijn belofte bezegelde,
Verstoorde een kerel
De liefde die hij had.

Terwijl hij zijn leven speelde,
In een Creoolse rouw, Baksteen,
Stak zijn mes in hem,
En brak zijn hart.