La Casada
Ella ganaba bien como telefonista
Yo laboraba mal y ganaba peor
Yo tenía el primer papel, ella era protagonista
De la historia más triste de todas las de amor
La fiché desde lejos, moviendo su cintura
Y, al ritmo de su cuerpo, mi mirada bailó
Se rompían los espejos reflejando su hermosura
Se rompían los esquemas de mi pobre corazón
No, no, no
Dichoso si es que existe el dueño de esta perla
De esta obra de arte, de esta boca de miel
Le dije y ahí nomás, a pesar que existía
Ni papel, ni biromes , derechito al hotel
Supe que era casada con problemas de pareja
Y que no soportaba gente de mal humor
Supe que enloquecía con los besos en la oreja
Que, en la cama y desnuda, baila mucho mejor
No, no, no
Ella le caía bien a todos mis sentidos
Salvo cuando el marido era el tema de hablar
Cuando su confesión lastimó mis oídos
Me dije: No la escuches, no te ahogues en su mar
Yo abrí de par en par las puertas de mi alma
Y dejé que saliera mi secreto peor
Disimulando lo triste y conservando la calma
Le dije: Aunque no creas, estoy buscando amor
Nos rendimos los dos a fingir como tontos
Que yo era su marido y que ella era mi mujer
Pero, al cabo de un tiempo, yo no quería ser su esposo
Ella quiso volver a ser la dama infiel
Ahora, ella está feliz, volvió con el idiota
Yo recorro las calles, buscando otra mujer
Y aprendí que mentirse tiene patas muy cortas
Que siempre la costumbre va a matar al placer
Va a matar al placer
No, no, no
De Getrouwde Vrouw
Zij verdiende goed als telefoniste
Ik werkte slecht en verdiende nog minder
Ik had de hoofdrol, zij was de protagonist
Van het treurigste liefdesverhaal dat er is
Ik zag haar van een afstand, haar heupen wiegend
En, op de maat van haar lichaam, danste mijn blik
De spiegels braken, reflecterend haar schoonheid
De patronen van mijn arme hart werden doorbroken
Nee, nee, nee
Gelukkig als de eigenaar van deze parel bestaat
Van dit kunstwerk, van deze honingzoete mond
Ik zei het en daar, ondanks dat het bestond
Geen papier, geen pennen, recht naar het hotel
Ik wist dat ze getrouwd was met relatieproblemen
En dat ze geen mensen met een slecht humeur kon verdragen
Ik wist dat ze gek werd van kussen op haar oor
Dat ze in bed, naakt, veel beter danst
Nee, nee, nee
Zij viel bij al mijn zintuigen in de smaak
Behalve als haar man het onderwerp was
Toen haar bekentenis mijn oren pijn deed
Zei ik tegen mezelf: Luister niet, verdrink niet in haar zee
Ik opende wijd de deuren van mijn ziel
En liet mijn grootste geheim naar buiten komen
Verbergend wat triest was en de kalmte bewarend
Zei ik: Ook al geloof je het niet, ik zoek liefde
We gaven ons over aan het doen alsof als dwaas
Dat ik haar man was en zij mijn vrouw
Maar na een tijdje wilde ik niet meer haar echtgenoot zijn
Zij wilde weer de ontrouwe dame zijn
Nu is zij gelukkig, terug bij de idioot
Ik loop door de straten, op zoek naar een andere vrouw
En ik leerde dat jezelf voor de gek houden korte benen heeft
Dat de gewoonte altijd het genot zal doden
Het zal het genot doden
Nee, nee, nee
Escrita por: Piti Fernández