395px

Mijn Stanciera en Ik

Los Caligaris

Mi Estanciera Y Yo

Al filo del anochecer mi amor,
Voy a salir de viaje sin vos,
Para olvidarme del dolor
Que me causa quererte.
Ya tengo el bolso
Y el taper con los sanguchitos,
Ya tengo el trebol de la suerte.
A veces hay que cuidar el amor,
Y hacerse cargo del bajon,
Con alegria para vivir
Sin hacernos daño.
Me llevo el termo con
Vino tinto para el camino,
Un bagullito y la guitarra.

Cuando salga el sol
Voy a estar llegando a cordoba,
Mi estanciera y yo
Por la ruta,
Mirando al rededor
Oliendo el campo,
No tengo estereo pero voy cantando.
Una botellita con agua de mar,
Un oceano de lagrimas.

Cuando salga el sol
Voy a estar llegando a cordoba,
Mi estanciera y yo
Por la ruta,
Mirando al rededor
Oliendo el campo,
No tengo estereo pero voy cantando.
Una botellita con agua de mar,
Un oceano de lagrimas.
Si me sobra una moneda
Te voy a llamar,
Si tengo tiempo
Te voy a extrañar
Y espero que no me
Guardes rencor,
Porque es muy feo.
Cuando salga el sol
Voy a estar llegando a cordoba,
Mi estanciera y yo
Por la ruta,
Mirando al rededor
Oliendo el campo,
No tengo estereo
Pero voy cantando.
Una botellita con agua de mar,
Un oceano de lagrimas.
Si me sobra una moneda
Te voy a llamar,
Si tengo tiempo
Te voy a extrañar
Y espero que
No me guardes rencor,
Porque es muy feo

Mijn Stanciera en Ik

Aan de rand van de avond, mijn lief,
Ga ik op reis zonder jou,
Om de pijn te vergeten
Die het me geeft om van je te houden.
Ik heb de tas al klaar
En de bak met de broodjes,
Ik heb het klavertje vier voor geluk.
Soms moet je de liefde beschermen,
En verantwoordelijkheid nemen voor de dip,
Met vreugde om te leven
Zonder ons pijn te doen.
Ik neem de thermos mee met
Rode wijn voor onderweg,
Een beetje rommel en de gitaar.

Wanneer de zon opkomt
Ben ik bijna in Córdoba,
Mijn stanciera en ik
Op de weg,
Kijkend om me heen
Ruikend aan het veld,
Ik heb geen stereo maar ik zing mee.
Een flesje met zeewater,
Een oceaan van tranen.

Wanneer de zon opkomt
Ben ik bijna in Córdoba,
Mijn stanciera en ik
Op de weg,
Kijkend om me heen
Ruikend aan het veld,
Ik heb geen stereo maar ik zing mee.
Een flesje met zeewater,
Een oceaan van tranen.
Als ik een muntje over heb
Zal ik je bellen,
Als ik tijd heb
Zal ik je missen
En ik hoop dat je me
Geen wrok zult houden,
Want dat is heel lelijk.
Wanneer de zon opkomt
Ben ik bijna in Córdoba,
Mijn stanciera en ik
Op de weg,
Kijkend om me heen
Ruikend aan het veld,
Ik heb geen stereo
Maar ik zing mee.
Een flesje met zeewater,
Een oceaan van tranen.
Als ik een muntje over heb
Zal ik je bellen,
Als ik tijd heb
Zal ik je missen
En ik hoop dat
Je me geen wrok houdt,
Want dat is heel lelijk.