Libiamo, Ne' Lieti Calici
Libiamo, libiamo ne' lieti calici, che la bellezza infiora
E la fuggevol, fuggevol ora s'inebrii a voluttà
Libiam nei dolci fremiti che suscita l'amore
Poiché quell'occhio al core onnipossente va
Libiamo, amore, amor fra i calici più caldi baci avrà
(Ah! Libiam, amor fra' calici più caldi baci avrà)
Tra voi, tra voi saprò dividere il tempo mio giocondo
Tutto è follia, follia nel mondo ciò che non è piacer
Godiam, fugace e rapido è il gaudio dell'amore
È un fior che nasce e muore, né più si può goder
Godiam! C'invita, c'invita un fervido accento lusinghier
La vita è nel tripudio
Quando non s'ami ancora
Nol dite a chi l'ignora
È il mio destin così
Ah! Godiamo! La tazza, la tazza e il cantico la notte abbella e il riso
In questo, in questo paradiso ne scopra il nuovo dì
Ah, ah, ah, ne scopra il dì (ne scopra il nuovo, il nuovo dì)
Ah, ah, ah, ne scopra il dì (ne scopra il nuovo, il nuovo dì)
Ah, ah-ah (sì, ne scopra, ne scopra il nuovo dì)
Laten We Proosten, In Blije Bekers
Laten we proosten, laten we proosten in blije bekers, die de schoonheid siert
En de vluchtige, vluchtige momenten, laten we ons overgeven aan genot
Laten we genieten van de zoete rillingen die de liefde oproept
Want dat oog gaat recht naar het hart, alomtegenwoordig
Laten we proosten, liefde, liefde zal in de warmste bekers de zoen geven
(Ah! Laten we proosten, liefde zal in de warmste bekers de zoen geven)
Tussen jullie, tussen jullie zal ik mijn blije tijd delen
Alles is waanzin, waanzin in de wereld wat geen plezier is
Laten we genieten, vluchtig en snel is de vreugde van de liefde
Het is een bloem die bloeit en verwelkt, en niet meer te genieten is
Laten we genieten! Een vurige, verleidelijke stem nodigt ons uit
Het leven is in triomf
Wanneer je nog niet bemint
Zeg het niet tegen wie het niet weet
Zo is mijn lot
Ah! Laten we genieten! De beker, de beker en het lied verfraaien de nacht en de lach
In dit, in dit paradijs, laat het de nieuwe dag onthullen
Ah, ah, ah, laat het de dag onthullen (laat het de nieuwe, de nieuwe dag onthullen)
Ah, ah, ah, laat het de dag onthullen (laat het de nieuwe, de nieuwe dag onthullen)
Ah, ah-ah (ja, laat het onthullen, laat het de nieuwe dag onthullen)
Escrita por: Mary Susan Applegate, Giuseppe Verdi, Francesco Maria Piave, Alexandre Dumas, Kristian Schultze