Quale Allegria
Quale allegria
se ti ho cercato per una vita senza trovarti
senza nemmeno avere la soddisfazione di averti
per vederti andare via
quale allegria,
se non riesco neanche più a immaginarti
senza sapere se strisciare se volare
insomma, non so più dove cercarti
quale allegria,
senza far finta di dormire
con la tua faccia sulla mia
saper invece che domani ciao come stai
una pacca sulla spalla e via...
quale allegria,
quale allegria,
cambiar faccia cento volte per far finta di essere un bambino
con un sorriso ospitale ridere cantare far casino
insomma far finta che sia sempre un carnevale...
Sempre un carnevale.
Senza allegria
uscire presto la mattina
la testa piena di pensieri
scansare macchine, giornali
tornare in fretta a casa
tanto oggi è come ieri
senza allegria
anche sui tram e gli aeroplani
o sopra un palco illuminato
fare un inchino a quelli che ti son davanti
e son in tanti e ti battono le mani.
Senza allegria
a letto insieme senza pace
senza più niente da inventare.
Esser costretti a farsi anche del male
per potersi con dolcezza perdonare
e continuare.
Con allegria
far finta che in fondo in tutto il mondo
c'è gente con gli stessi tuoi problemi
e poi fondare un circolo serale
per pazzi sprassolati e un poco scemi
facendo finta che la gara sia
arrivare in salute al gran finale.
Mentre è già pronto Andrea
con un bastone e cento denti
che ti chiede di pagare
per i suoi pasti mal mangiati
i sonni derubati i furti obbligati
per essere stato ucciso
quindici volte in fondo a un viale
per quindici anni la sera di Natale...
Welke Vreugde
Welke vreugde
als ik je een leven lang heb gezocht zonder je te vinden
zonder zelfs de voldoening te hebben je te hebben
om je te zien weggaan
welke vreugde,
als ik je zelfs niet meer kan voorstellen
zonder te weten of ik moet kruipen of vliegen
kortom, ik weet niet meer waar ik je moet zoeken
welke vreugde,
zonder te doen alsof ik slaap
met jouw gezicht op het mijne
weten dat je morgen zegt 'hoi, hoe gaat het?'
een klop op de schouder en weg...
welke vreugde,
welke vreugde,
het gezicht honderd keer veranderen om te doen alsof ik een kind ben
met een gastvrije glimlach lachen, zingen, herrie maken
kortom, doen alsof het altijd carnaval is...
Altijd carnaval.
Zonder vreugde
vroeg in de ochtend naar buiten gaan
met een hoofd vol gedachten
auto's en kranten ontwijken
snel naar huis terugkeren
want vandaag is zoals gisteren
zonder vreugde
dus ook in trams en vliegtuigen
of op een verlicht podium
een buiging maken voor degenen die voor je staan
en er zijn er veel en ze klappen voor je.
Zonder vreugde
samen in bed zonder rust
zonder meer iets te verzinnen.
Gedwongen om elkaar ook pijn te doen
om met tederheid te kunnen vergeven
en door te gaan.
Met vreugde
doen alsof er in de hele wereld
mensen zijn met dezelfde problemen als jij
en dan een avondclub oprichten
voor gekke, verwarde en een beetje domme mensen
doen alsof de wedstrijd is
dat je gezond de grote finale haalt.
Terwijl Andrea al klaarstaat
met een stok en honderd tanden
die je vraagt om te betalen
voor zijn slecht gegeten maaltijden
de gestolen nachten, de gedwongen diefstallen
om vijftien keer vermoord te zijn
aan het einde van een laan
vijftien jaar op kerstavond...