Fado Corrido
Teus olhos quando tão às escuras
São duas ave-marias
Do rosário d’ amarguras
Que eu rezo todos os dias
Se eu de saudades morrer
Apalpa meu coração
Talvez eu torne a viver
Ao calor da tua mão
Se eu quero bem aos teus olhos
Mas muito mais eu quero aos meus
Pois perdeste nos olhos
Não podia ver os teus
Se os meus olhos te incomodam
Quando estão na tua frente
Eu prometo arranca-los
E amar-te cegamente
Gosto de cantar o fado
Acho que o fado tem raça
E que não foi só criado
Para cantar a desgraça
Se tenho medo da morte
Não tanto como supões
Tenho mais medo da vida
E das suas ilusões
Fado Corrido
Jouw ogen als ze in het donker zijn
Zijn twee weesgegroetjes
Van de rozenkrans van verdriet
Die ik elke dag bid
Als ik van verlangen sterf
Voel dan mijn hart
Misschien ga ik weer leven
Bij de warmte van jouw hand
Als ik van jouw ogen hou
Maar nog meer van de mijne
Want jij verloor in de ogen
Ik kon de jouwe niet zien
Als mijn ogen je storen
Als ze voor je staan
Beloven ik ze te verwijderen
En je blind te beminnen
Ik hou ervan om fado te zingen
Ik denk dat fado karakter heeft
En dat het niet alleen is gemaakt
Om het ongeluk te bezingen
Als ik bang ben voor de dood
Niet zozeer als je denkt
Ik ben meer bang voor het leven
En zijn illusies