なんなん (nan nan)
なまえはないとかたちもないと
namae wa nai to katachi mo nai to
わたしのあいとあいそ さかいのかっとう
watashi no ai to aiso sakai no kattō
かさなっていたいといないと
kasanatteitai to inai to
かさむ、にちごとに
kasamu, nichigoto ni
わたしのあいとあいそ さかいのかっとう
watashi no ai to aiso sakai no kattō
きょうはかえろう、あるいてかえろう
kyō wa kaerou, aruite kaerou
めのまえにはあかいほどうがみえるな
me no mae ni wa akai hodō ga mieru na
Wat is dit (nan nan)
Er is geen naam, geen vorm
Mijn liefde en genegenheid, de strijd van grenzen
Ik wil overlappen, maar ook weer niet
Het stapelt zich op, elke dag weer
Mijn liefde en genegenheid, de strijd van grenzen
Vandaag ga ik naar huis, ik ga te voet naar huis
Voor mijn ogen zie ik een rode weg verschijnen