La Niñez
Tiempo azul, la niñez
De escuchar y aprender del gentil corazón
Cálida voz de un alma que asoma
Para echarse al vuelo con las palomas
Descubrir al pasar
El olor del nogal
Y que brota el rosal
Vive el parral y crece el hermano
Y el viejo misterio hondo y lejano
A caballo del sol voy lejos
A viajar el azul
Prendiendo luceros
Despertando grillos
Dentro del pecho
Tiempo azul, la niñez
De escuchar y aprender como ríe la voz
Llora el dolor y canta la risa
Y la extraña magia de una caricia
Barco azul de papel
Por el mar se me fue barrilete fugaz
Para volar el cielo asombrado
De algún viejo cuento nunca olvidado
De Kindertijd
Blauwe tijd, de kindertijd
Om te luisteren en te leren van het vriendelijke hart
Warme stem van een ziel die verschijnt
Om met de duiven op te stijgen
Ontdekken terwijl je voorbijgaat
De geur van de walnoot
En dat de rozenstruik bloeit
De wijnstok leeft en de broer groeit
En het oude, diepe en verre mysterie
Te paard van de zon ga ik ver weg
Om het blauw te verkennen
Sterren aansteken
Krekels wekken
In mijn borst
Blauwe tijd, de kindertijd
Om te luisteren en te leren hoe de stem lacht
Huilt de pijn en zingt de lach
En de vreemde magie van een streling
Blauwe papieren boot
Weggevoerd door de zee, een vluchtige vlieger
Om de verwonderde lucht te verkennen
Van een oud verhaal dat nooit vergeten is