395px

Dicht bij de hemel

Nacho Vegas

Cerca del cielo

Si pudiera elegir
sólo un deseo
pediría vivir
siempre cerca del cielo,
de un cielo tan real
como el abismo,
en una guerra tan cruel
como la de uno contra uno mismo.

¿Querrás consentir
a quien quiere vivir
así, así, así ...
como Sísifo?

Empeñado en subir, para luego bajar
por pendientes imposibles.
No cejé un tanto así y al final conseguí
completar los catorce ocho miles,
y aún me sobró tiempo para gritarle a los astros:
"ved lo que soy",
y que el resto no es más
que guijarros que caen al vacío.

Sólo yo contra mí
y contra los elementos,
calculando al milímetro
el más leve movimiento.
Mi cruz es de piedra
y mira al precipicio.
Seguiré hasta el final,
seguiré hasta el día del Juicio.

¿Querrás consentir
a quien quiere morir
aquí, aquí, aquí ...
en los Alpes?

Y que vuelve a subir, y después descender
por terrenos casi impracticables.
Si consigo avanzar tal vez logre ahogar
algo dentro de mí inextirpable,
algo que se retuerce y que no se detiene
y que hará que ahora vuelva a repetirlo:
cuando haya de morir quiero hacerlo aquí,
CERCA DEL CIELO.

Y me aferro a una roca más dura que dios
y la falta de oxígeno nubla mi cabeza
y sé que un poco más bastará para salvarme,
un trozo de verdad bastará para salvarme,
un centímetro bastará para salvarme,
una sola gota bastará para salvarme,
un poco de paz bastará para salvarme,
un trozo de verdad bastará para salvarme.

Dicht bij de hemel

Als ik kon kiezen
slechts één wens
zou ik vragen om te leven
altijd dicht bij de hemel,
bij een hemel zo echt
als de afgrond,
in een oorlog zo wreed
als die van één tegen zichzelf.

Zou je willen toestaan
aan degene die wil leven
zo, zo, zo ...
als Sisyphus?

Vastbesloten om te stijgen, om dan weer te dalen
langs onmogelijke hellingen.
Ik gaf niet op en uiteindelijk bereikte ik
alle veertien achtduizenders,
en ik had zelfs tijd over om naar de sterren te schreeuwen:
"kijk wat ik ben",
en dat de rest niet meer is
als steentjes die in de leegte vallen.

Alleen ik tegen mij
en tegen de elementen,
berekenend op de millimeter
de kleinste beweging.
Mijn kruis is van steen
en kijkt naar de afgrond.
Ik ga door tot het einde,
ik ga door tot de dag van het Oordeel.

Zou je willen toestaan
aan degene die wil sterven
hier, hier, hier ...
in de Alpen?

En die weer omhoog gaat, en dan weer daalt
langs bijna onbegaanbare paden.
Als ik vooruit kan komen, misschien kan ik iets verdrinken
wat in mij onuitroeibaar is,
iets dat zich kronkelt en niet stopt
en dat ervoor zal zorgen dat ik het nu weer herhaal:
wanneer ik moet sterven, wil ik het hier doen,
DICHT BIJ DE HEMEL.

En ik houd me vast aan een rots harder dan God
en het gebrek aan zuurstof vertroebelt mijn hoofd
en ik weet dat nog een beetje genoeg zal zijn om me te redden,
een stukje waarheid zal genoeg zijn om me te redden,
een centimeter zal genoeg zijn om me te redden,
eén druppel zal genoeg zijn om me te redden,
een beetje rust zal genoeg zijn om me te redden,
een stukje waarheid zal genoeg zijn om me te redden.