Vinagrito
Vinagrito es un gatico
Que parece de algodón.
Es un gato limpiecito,
Relamido y juguetón.
Le gustan las sardinas
Y es amigo del ratón,
Es un gato muy sociable,
Mi gatico de algodón.
Yo le puse vinagrito,
Por estar feo y flaquito,
Pero tanto lo cuidé
Que parece vinagrito,
Un gatico de papel,
Miau, miau, miau, miau,
Con cascabel.
Estaba en un cartucho
Cuando yo lo recogí,
Chiquitico y muerto de hambre,
Botado por ahí.
Le di un plato de leche
Y se puso tan feliz
Que metía los bigotes,
Las patas y la nariz..
No se va para el tejado
Porque no sabe subir.
Sentado en la ventana
Mira la luna salir.
La luna es un queso
Metida en un mar de añil
Y mi gato se pregunta
Si habrá sardinas allí.
Azijnkatje
Azijnkatje is een katje
Dat lijkt op een watje.
Het is een schone kat,
Verzorgd en speels, wat een schat.
Hij houdt van sardines
En is vriend van de muis,
Het is een heel sociaal beestje,
Mijn watje, zo klein als een huis.
Ik noemde hem azijnkatje,
Omdat hij mager en lelijk was,
Maar ik zorgde zo goed voor hem
Dat hij lijkt op een azijnkatje,
Een katje van papier,
Miauw, miauw, miauw, miauw,
Met een belletje hier.
Hij zat in een doosje
Toen ik hem vond,
Klein en dood van de honger,
Verlaten en niet gezond.
Ik gaf hem een bord melk
En hij werd zo blij,
Dat hij zijn snorharen,
Zijn pootjes en neus in de melk deed, oh my.
Hij gaat niet naar het dak
Omdat hij niet kan klimmen.
Zittend op het raam
Kijkt hij naar de maan die glimt.
De maan is een kaas
In een zee van indigo,
En mijn kat vraagt zich af
Of daar sardines zijn, zo mooi.