395px

Johnny O' Braidislee

Old Blind Dogs

Johnny O' Braidislee

Johnny arose on a May mornin'
Gone for water tae wash his hands
He hae loused tae me his twa gray dogs
That lie bound in iron bands

When Johnny's mother, she heard o' this
Her hands for dule she wrang
Cryin', "Johnny, for yer venison
Tae the green woods dinna ye gang"

Aye, but Johnny hae taen his good benbow
His arrows one by one
Aye, and he's awa tae green wood gaen
Tae dae the dun deer doon

Oh Johnny, he shot, and the dun deer lapp't
He wounded her in the side
Aye, between the water and the wood
The gray dogs laid their pride

It's by there cam' a silly auld man
Wi' an ill that John he might dee
And he's awa' doon tae Esslemont
Well, the King's seven foresters tae see

It's up and spake the first forester
He was heid ane amang them a'
"Can this be Johnny O' Braidislee?
Untae him we will draw"

An' the first shot that the foresters, they fired
They wounded John in the knee
An' the second shot that the foresters, they fired
Well, his hairt's blood blint his e'e

But he's leaned his back against an oak
An' his foot against a stane
Oh and he hae fired on the seven foresters
An' he's killed them a' but ane

Aye, he hae broke fower o' this man's ribs
His airm and his collar bain
Oh and he has sent him on a horse
For tae carry the tidings hame

Johnny's good benbow, it lies broke
His twa gray dogs, they lie deid
And his body, it lies doon in Monymusk
And his huntin' days are daen
His huntin' days are daen

Johnny O' Braidislee

Johnny stond op een mei-ochtend
Ging water halen om zijn handen te wassen
Hij had me zijn twee grijze honden geleend
Die gebonden liggen in ijzeren banden

Toen Johnny's moeder hiervan hoorde
Draaide ze van verdriet haar handen
Schreeuwend: "Johnny, voor je wildvlees
Ga niet naar de groene bossen"

Ja, maar Johnny nam zijn goede boog mee
Zijn pijlen één voor één
Ja, en hij is naar het groene bos gegaan
Om het dunnere hert te vangen

Oh Johnny, hij schoot, en het dunne hert sprong
Hij verwondde haar in de zij
Ja, tussen het water en het bos
Lagen de grijze honden trots

Daar kwam een domme oude man aan
Met een slecht voorgevoel dat John zou sterven
En hij ging naar Esslemont
Om de zeven houthakkers te zien

De eerste houthakker sprak op
Hij was de leider van hen allen
"Kan dit Johnny O' Braidislee zijn?
Naar hem zullen we schieten"

En de eerste pijl die de houthakkers afvuurden
Verwondde John in zijn knie
En de tweede pijl die de houthakkers afvuurden
Wel, zijn hart bloedde in zijn oog

Maar hij leunde met zijn rug tegen een eik
En zijn voet tegen een steen
Oh en hij heeft op de zeven houthakkers geschoten
En hij heeft ze allemaal gedood behalve één

Ja, hij heeft vier van deze man zijn ribben gebroken
Zijn arm en zijn schouderblad
Oh en hij heeft hem op een paard gestuurd
Om het nieuws naar huis te brengen

Johnny's goede boog ligt gebroken
Zijn twee grijze honden liggen dood
En zijn lichaam ligt in Monymusk
En zijn jacht dagen zijn voorbij
Zijn jacht dagen zijn voorbij

Escrita por: Jörgen Elofsson