Simón El Enterrador
Enterraron ayer, tarde
A la hija de Juan Simón
Era Simón en el pueblo
El único enterrador
El único enterrador
Cuando el último suspiro
En sus brazos exhaló
Él mismo, a su propia hija
Al cementerio llevó
Al cementerio llevó
Él mismo, cavó la fosa
Murmurando una oración
Dando un adiós para siempre
A la hija de Juan Simón
A la hija de Juan simón
Y llorando como un niño
Del cementerio salió
Con la barra en una mano
Y en el hombro el azadón
Y en el hombro el azadón
La gente le preguntaba
¿De dónde vienes Simón?
Y él, enjugando su llanto
Contestaba a media voz
Contestaba a media voz
Soy enterrador y vengo
De enterrar mi corazón
Soy enterrador y vengo
De enterrar mi corazón
De enterrar mi corazón
Simón De Begraafplaats
Gisteren, laat
Begroeven ze de dochter van Juan Simón
Hij was Simón in het dorp
De enige begraafplaatswerker
De enige begraafplaatswerker
Toen de laatste zucht
In zijn armen ontsnapte
Droeg hij zelf, zijn eigen dochter
Naar het kerkhof toe
Naar het kerkhof toe
Hij groef zelf de kuil
Murmurend een gebed
Een afscheid voor altijd
Voor de dochter van Juan Simón
Voor de dochter van Juan Simón
En huilend als een kind
Verliet hij het kerkhof
Met de stok in één hand
En op zijn schouder de spade
En op zijn schouder de spade
De mensen vroegen hem
Waar kom je vandaan, Simón?
En hij, zijn tranen wegvegend
Antwoordde met een zachte stem
Antwoordde met een zachte stem
Ik ben begraafplaatswerker en kom
Van het begraven van mijn hart
Ik ben begraafplaatswerker en kom
Van het begraven van mijn hart
Van het begraven van mijn hart