Tomalacaté
Por el aire que trae
quién lo diría,
por el aire que trae
quién lo diría,
que ese barquito viene
con avería.
Quién se ha dejao
el lienzo de los mare
pintorreao,
pintorreao.
La La orillita descalza
sin una ola.
Juegan marineritos
a la peloa.
Saltó en pedazos
el sol de la marea
de una pelotaza.
Toma que toma,
mi barquilla
a la orilla
de tu persona.
Lhé-va-me con tu persona,
lhé-va-me co tu persona!Ya!
Que una, que dos
y tres, que tomalacaté.
Tomalacaté
Door de lucht die het brengt
wie had dat gedacht,
door de lucht die het brengt
wie had dat gedacht,
dat dat bootje komt
met een defect.
Wie heeft het zeil
van de zee
verfijnd,
verfijnd.
La La, de rand zonder schoenen
zonder een golf.
Spelen matroosjes
met hun blote voeten.
De zon van het tij
sprong in stukken
van een bal.
Neem dat, neem dat,
mijn bootje
aan de oever
van jouw persoon.
Neem me mee met jouw persoon,
neem me mee met jouw persoon! Ja!
Dat is één, dat is twee
en drie, dat is tomalacaté.