395px

Wat ik het meest wil

Violeta Parra

Lo Que MÁs Quiero

El hombre que yo más quiero,
en la sangre tiene hiel.
Me deja sín su plumaje,
sabiendo que vá a llover. (bis)

El árbol que yo más quiero,
tiene dura la razón.
Me priva su fina sombra,
bajo los rayos del sol. (bis)

El rio que yo más quiero,
no se puede detener.
Con el ruido de sus águas,
no escucha que tengo sed. (bis)

El cielo que yo más quiero,
se ha conmiezado a nublar.
Mis ojos de nada sirven,
los matan la osbcuridad. (bis)

Sín abrigo, sín la sombra,
sín el água y sín la luz.
Sólo falta que un cuchillo,
me prive de la salud. (bis)

El hombre que yo...etc.

Wat ik het meest wil

De man van wie ik het meest hou,
in zijn bloed zit ijskoude.
Hij laat me zonder zijn veren,
want hij weet dat het gaat regenen. (bis)

De boom van wie ik het meest hou,
hij is moeilijk van geest.
Zijn fijne schaduw ontneemt me,
et onder de zon ben ik een geest. (bis)

De rivier die ik het meest wil,
kan niet stoppen met zijn stroom.
Met het geluid van zijn water,
hoor je niet dat ik dorst heb, zo krom. (bis)

De lucht die ik het meest wil,
begint te bewolken snel.
Mijn ogen zijn vol onmacht,
ze worden gedood door duisternis, wat een stel. (bis)

Zonder een jas, zonder schaduw,
zonder water en zonder licht.
Het enige wat nog ontbreekt,
is dat een mes me de gezondheid ontnicht. (bis)

De man van wie ik...etc.

Escrita por: Violeta Parra