395px

Ik Denk Aan Die Middag

Pereza

Yo Pienso En Aquella Tarde

Yo que soy un animal,
Que no entiendo de nada,
Que todo me sale mal.
Te tuve 100 días dentro de mi cama,
No te supe aprovechar.

Ando perdido pensando que estás sola
Y pude haber sido tu abrigo
Cuelgo de un hilo, rebaño las sobras
Que aún quedan de tu cariño.

Yo que me quiero aliviar
Escribiéndote un tema
Diciéndote la verdad.
Cumplo condena por ese mal día
De haberte dejado marchar.

Yo pienso en aquella tarde
Cuando me arrepentí de todo.
Daría, todo lo daría
Por estar contigo y no sentirme sólo.

A ti que te supo tan mal
Que yo me encariñara con esa facilidad,
Y me emborrachara los días
Que tú no tenías que trabajar.

Era un domingo llegaba después
De tres días comiendo el mundo.
Todo se acaba dijiste mirándome
Que ya no estábamos juntos.

Ik Denk Aan Die Middag

Ik, die een beest ben,
Die nergens iets van snapt,
Waarbij alles misgaat.
Je lag 100 dagen in mijn bed,
Maar ik wist je niet te waarderen.

Ik dwaal rond, denkend dat je alleen bent
En ik had je kunnen beschermen.
Hangend aan een draad, verzamel ik de resten
Die nog over zijn van jouw liefde.

Ik, die mezelf wil verlichten
Door je een nummer te schrijven
En je de waarheid te vertellen.
Ik zit vast vanwege die slechte dag
Dat ik je liet gaan.

Ik denk aan die middag
Toen ik me van alles spijt had.
Ik zou alles geven,
Om bij jou te zijn en me niet alleen te voelen.

Jij, die het zo moeilijk vond
Dat ik zo snel aan je gehecht raakte,
En me dronken maakte op de dagen
Dat jij niet hoefde te werken.

Het was een zondag, ik kwam terug
Na drie dagen de wereld te hebben gegeten.
"Alles is voorbij," zei je terwijl je me aankeek,
Dat we niet meer samen waren.

Escrita por: Miguel Conejo Torres / Ruben Pozo Prats