Alto y Sublime
No puedo entender que siendo Dios
Tuvo compasión y me miró
Tan pequeño como soy, Dios sublime y alto
Indigna sobre su presencia fui
Mis faltas no consideró
Tocó la puerta de mi corazón
Siendo tan santo
Dios, es alto y sublime
El que habita en la eternidad
Cuyo nombre es santo
Dios habita en las alturas
Y en la santidad incomparable es su majestad
Pero en un ser humano puede habitar
Cuando viene humillado ante su altar
Corazón quebrantado convierte en su trono
Viene a habitar
El cielo es el trono de mi Dios
La tierra estrado de sus pies
Y siendo tan alto y sublime mi señor
Mi pequeño corazón su trono es
Hoog en Verheven
Ik kan niet begrijpen dat, zijnde God
Hij medelijden had en naar me keek
Zo klein als ik ben, verheven en groot God
Onwaardig was ik in zijn aanwezigheid
Mijn fouten heeft Hij niet in overweging genomen
Hij klopte op de deur van mijn hart
Zijnde zo heilig
God, is hoog en verheven
Hij die in de eeuwigheid woont
Wiens naam heilig is
God woont in de hoogten
En in de onvergelijkelijke heiligheid is zijn majesteit
Maar in een mens kan Hij wonen
Wanneer hij nederig komt voor zijn altaar
Een gebroken hart maakt Hij tot zijn troon
Hij komt wonen
De hemel is de troon van mijn God
De aarde is zijn voetenbank
En zijnde zo hoog en verheven, mijn Heer
Is mijn kleine hart zijn troon