Dos Monedas
Soy el mas desdichado del mundo
Y la culpa la tiene este vicio
Me dejo la mujer que tenia ahora pierdo tambien a mi hijo
El jamas supo lo que era un padre
Por que yo andaba siempre borracho
El pidiendo en la calle limosna
Para que yo siguera tomando
Una noche llovio hasta el invierno
Llego el pobre hasta donde yo estaba
Y me dijo perdon papasito
ahora si que no me dieron nada
Tengo hambre y tambien mucho frio
Por favor hoy no me digas nada
Pero yo ciego de tanta ira
Le golpie hasta casi matarlo
Y le dije te vas a la calle
Ya no pienso seguirte aguantando
ya no tienes ni casa ni padre si no traes
para seguir tomando
salio el pobre temblando de frio
y llorando por lo que le dije
mientras yo en la casa embrutecido
sabradios que tanto lo maldije
el alcohol y el sueo me vencieron
desperte casi ya amaneciendo
al abrir la puerta de la casa
no crei lo que yo estaba viendo
alli estaba mi hijo tirado
habia muerto de hambre y de frio
en su mano le halle dos monedas
que me traiba pa comprar mas vino
y yo briago no oi que tocaba
y asi el pobre murio en el olvido
por borracho perdi yo a mi hijo
y a mi esposa que tanto adoraba
yo le quiero pedir a los padres
que no le hagan un mal a sus hijos
tal vez dios me mando este castigo
por tirarme a la senda del vicio.
Twee Munten
Ik ben de ongelukkigste ter wereld
En de schuld ligt bij deze verslaving
Mijn vrouw heeft me verlaten, nu verlies ik ook mijn kind
Hij wist nooit wat het was om een vader te hebben
Omdat ik altijd dronken was
Hij bedelde op straat om wat
Zodat ik maar door kon gaan met drinken
Een nacht regende het tot in de winter
De arme kwam waar ik was
En hij vroeg: ‘Sorry pap,
Nu heb ik echt niks gekregen
Ik heb honger en ook veel kou
Alsjeblieft, zeg vandaag niets tegen me
Maar ik, blind van woede
Sloot hem bijna de dood in
En ik zei: ‘Je gaat naar de straat
Ik ga je niet langer dulden
Je hebt geen huis en geen vader als je geen geld hebt
Om door te gaan met drinken
De arme kwam bibberend van de kou naar buiten
En huilend om wat ik zei
Terwijl ik thuis verdoofd was
En schreeuwde dat ik hem vervloekte
De drank en de slaap overwonnen me
Ik werd bijna bij het ochtendgloren wakker
Toen ik de deur van het huis opendeed
Kon ik mijn ogen niet geloven
Daar lag mijn zoon, neergestort
Hij was gestorven van honger en kou
In zijn hand vond ik twee munten
Die hij me had gebracht om meer wijn te kopen
En ik, dronken, hoorde niet dat hij klopte
En zo stierf de arme in de vergetelheid
Door mijn dronkenschap ben ik mijn zoon kwijtgeraakt
En mijn vrouw, die ik zo liefhad
Ik wil de ouders vragen
Doe je kinderen geen kwaad
Misschien heeft God me deze straf gegeven
Omdat ik op het pad van de verslaving ben gegaan.