Se Nos rompió El Amor (part. Vanesa Martín)
Se nos rompió el amor de tanto usarlo.
De tanto loco abrazo sin medida.
De darnos por completo a cada paso,
se nos quedó en las manos un buen día.
Se nos rompió el amor de tan grandioso.
Jamás pudo existir tanta belleza.
Las cosas tan hermosas duran poco
Jamás duró una flor dos primaveras.
Me alimenté de ti por mucho tiempo,
Nos devoramos vivos como fieras.
Jamás pensamos nunca en el invierno,
Pero el invierno llega, aunque no quieras.
Y una mañana gris al abrazarnos,
Sentimos un crujido frío y seco,
Cerramos nuestros ojos y pensamos:
Se nos rompió el amor de tanto usarlo.
De liefde is gebroken (met Vanesa Martín)
De liefde is gebroken door het veelvuldig gebruik.
Door al die gekke, ongebreidelde omhelzingen.
Door ons volledig te geven bij elke stap,
bleef het op een dag in onze handen liggen.
De liefde is gebroken door zoveel pracht.
Er kon nooit zoveel schoonheid bestaan.
De mooiste dingen duren niet lang,
nooit heeft een bloem twee lentes overleefd.
Ik heb lange tijd van jou geleefd,
We hebben elkaar levend verslonden als wilde dieren.
We dachten nooit aan de winter,
Maar de winter komt, ook al wil je het niet.
En op een grijze ochtend, terwijl we elkaar omhelzen,
Voelden we een koude, droge krak,
We sloten onze ogen en dachten:
De liefde is gebroken door het veelvuldig gebruik.