395px

John Gerst

Steve Winwood

John Barleycorn

There were three men came out of the west, their fortunes for to try
And these three men made a solemn vow
John Barleycorn must die
They've plowed, they've sown, they've harrowed him in
Threw clods upon his head
And these three men made a solemn vow
John Barleycorn was dead

They've let him lie for a very long time, 'til the rains from heaven did fall
And little Sir John sprung up his head and so amazed them all
They've let him stand 'til Midsummer's Day 'til he looked both pale and wan
And little Sir John's grown a long long beard and so become a man
They've hired men with their scythes so sharp to cut him off at the knee
They've rolled him and tied him by the way, serving him most barbarously
They've hired men with their sharp pitchforks who've pricked him to the heart
And the loader he has served him worse than that
For he's bound him to the cart

They've wheeled him around and around a field 'til they came onto a pond
And there they made a solemn oath on poor John Barleycorn
They've hired men with their crabtree sticks to cut him skin from bone
And the miller he has served him worse than that
For he's ground him between two stones

And little Sir John and the nut brown bowl and his brandy in the glass
And little Sir John and the nut brown bowl proved the strongest man at last
The huntsman he can't hunt the fox nor so loudly to blow his horn
And the tinker he can't mend kettle or pots without a little barleycorn

John Gerst

Er kwamen drie mannen uit het westen, hun fortuin te beproeven
En deze drie mannen legden een plechtige eed af
John Gerst moet sterven
Ze hebben geploegd, ze hebben gezaaid, ze hebben hem bewerkt
Stonden kluiten op zijn hoofd
En deze drie mannen legden een plechtige eed af
John Gerst was dood

Ze hebben hem heel lang laten liggen, tot de regen uit de hemel viel
En kleine Heer John stak zijn hoofd op en verbaasde hen allemaal
Ze hebben hem laten staan tot Midzomer, tot hij bleek en zwak leek
En kleine Heer John heeft een lange baard gekregen en is zo een man geworden
Ze hebben mannen ingehuurd met scherpe zeisen om hem bij de knie te kappen
Ze hebben hem gerold en vastgebonden, hem op de meest barbaarse manier behandeld
Ze hebben mannen ingehuurd met scherpe hooivorken die hem tot in zijn hart prikten
En de laadman heeft hem nog slechter behandeld
Want hij heeft hem aan de kar gebonden

Ze hebben hem rond en rond een veld geduwd tot ze bij een vijver kwamen
En daar legden ze een plechtige eed af op arme John Gerst
Ze hebben mannen ingehuurd met hun krabbenstokken om hem van huid tot bot te snijden
En de molenaar heeft hem nog slechter behandeld
Want hij heeft hem tussen twee stenen gemalen

En kleine Heer John en de notenbruine kom en zijn brandewijn in het glas
En kleine Heer John en de notenbruine kom bewezen uiteindelijk de sterkste man
De jager kan de vos niet meer jagen, noch zo luid zijn hoorn blazen
En de zwerver kan geen ketel of pot repareren zonder een beetje gerst

Escrita por: Jörgen Elofsson, Steve Winwood