Chovendo na Roseira
Olha
Está chovendo na roseira
Que só dá rosa, mas não cheira
A frescura das gotas úmidas
Que é de Luísa, que é de Paulinho, que é de João
Que é de ninguém!
Pétalas de rosa carregadas pelo vento
Um amor tão puro carregou meu pensamento
Olha, um tico-tico mora ao lado
E passeando no molhado
Adivinhou a primavera
Olha, que chuva boa, prazenteira
Que vem molhar minha roseira
Chuva boa, criadeira
Que molha a terra, que enche o rio, que limpa o céu
Que traz o azul!
Olha, o jasmineiro está florido
E o riachinho de água esperta
Se lança em vasto rio de águas calmas
Ahh, você é de ninguém!
Het Regent op de Rozenstruik
Kijk
Het regent op de rozenstruik
Die alleen rozen geeft, maar niet ruikt
De frisheid van de vochtige druppels
Die van Luísa is, die van Paulinho, die van João
Die van niemand!
Rozenblaadjes door de wind meegenomen
Een liefde zo puur, die mijn gedachten droeg
Kijk, een tjirp tjirp woont naast me
En wandelend in de natte grond
Raadde hij de lente
Kijk, wat een fijne, prettige regen
Die mijn rozenstruik komt besproeien
Fijne regen, die leven geeft
Die de aarde nat maakt, die de rivier vult, die de lucht reinigt
Die de blauwe lucht brengt!
Kijk, de jasmijn bloeit volop
En het beekje met slim water
Stort zich in een brede rivier van kalm water
Ahh, je bent van niemand!