Een Ander
Zij ligt naast haar man,
Hij ligt naast zijn vrouw
En allebei denken zij aan een ander
Zij weet niets van haar
Hij weet niets van hem
Zij zoeken hun heil in een ander
Wat doet hij nog bij zijn vrouw
Wat doet hij nog bij haar man
De een houdt zich goed voor de ander
Alleen in een hotel
Opgewonden stil en snel
Twee stukken verdriet op een vrijdag
Gaat zij bij hem weg
Of hij bij haar
Of vreet het een weg naar een ander
Otro
Ella está al lado de su esposo,
Él está al lado de su esposa
Y ambos piensan en otro
Ella no sabe nada de él
Él no sabe nada de ella
Buscan consuelo en otro
¿Qué hace él aún con su esposa?
¿Qué hace ella aún con su esposo?
Uno se comporta bien por el otro
Solos en un hotel
Excitados, callados y rápidos
Dos pedazos de tristeza en un viernes
¿Ella se irá con él?
¿O él con ella?
O ¿se abrirá paso hacia otro?
Escrita por: Herman Van Veen