La Guitarra
Si guardo un recuerdo que nunca me dejará
Es este que mi alma a veces suele cantar
Tenía diez años y un mundo por conquistar
La Luna y mi barrio, humilde y lejos del mar
Mi padre tenía las marcas de su niñez
Grabadas a fuego como un tatuaje en la piel
Ni besos ni abrazos tan duro como un cincel
Subido a su andamio de noble testarudez
Un día de aquellos de lluvia en paso del rey
Me trajo en sus brazos envuelta con un papel
Sonora madera, misteriosa y ancestral
Guitarra, guitarra
Mi padre me ha vuelto a amar les cuento que nunca
Jamás me pude olvidar su voz de tabaco
Cantó por única vez y toda la casa
Destilaba arena y sal
Los pinos y el campo susurraban como el mar
Este recuerdo sencillo se los quería contar
Porque a veces cuando llueve
Oigo a mi padre cantar
De Gitaar
Als ik een herinnering bewaar die me nooit zal verlaten
Is het deze die mijn ziel soms zingt
Ik was tien jaar en had de wereld te veroveren
De Maan en mijn buurt, bescheiden en ver van de zee
Mijn vader had de sporen van zijn kindertijd
In zijn huid gebrand als een tatoeage
Geen kussen of knuffels, zo hard als een beitel
Op zijn steiger van nobele koppigheid
Op een van die regenachtige dagen in Paso del Rey
Nam hij me in zijn armen, gewikkeld in een papier
Klinkend hout, mysterieus en eeuwenoud
Gitaar, gitaar
Mijn vader heeft me weer lief, ik vertel jullie dat nooit
Kon ik zijn rokerige stem vergeten
Hij zong maar één keer en het hele huis
Dampte zand en zout
De dennen en het veld fluisterden als de zee
Deze eenvoudige herinnering wilde ik jullie vertellen
Want soms als het regent
Hoor ik mijn vader zingen