395px

Het Lantaarnpje

Voz Veis

El Farolito

Aún recuerdo el farolito de la esquina
Tiernamente alumbraba mis mentiras
No tenía dieciséis como decía
Era un niño en edad de golosinas
Me besaste ante la Luna y mis dos primas
Sonrojando hasta la ropa que tenía
Labios tiernos que mataban mi vigilia
Se robaban los juguetes de esos días
Los encuentros de fútbol con mis amigos
Los cambié por besos y unos cigarrillos
Yo fui un Dios que hizo verano en tu mejilla
Un astronauta entre tus pechos de Afrodita

Y van, van por dentro
Tus recuerdos son estrellas que
No paran de llover

Fuimos tarde a mirar la luz del día
Se nos iba el tiempo en tanta tontería
Yo pintaba nuevas pecas a tu vientre
Tú inventabas una forma de quererme
Conjuraba con Neruda y sus palabras
Un hechizo pa' que nunca te marcharas
Y lo hiciste sin aviso esa mañana
En que el mundo fue el corral de mi desgracia
Y me juraste regresar algún verano
Al farolito, juro, me quedé pegado
Nunca un hombre te extrañó de esta manera
Nunca un niño te adoró de esa manera
Ay, niña linda, me dejaste en los bolsillos
Triste aroma de besos y cigarrillos
Yo fui un Dios que hizo verano en tu mejilla
Un astronauta entre tus pechos de Afrodita

Y van, van por dentro
Tus recuerdos son estrellas que
No paran de llover

Y van, van por dentro
Tus estrellas nunca, nunca
Paran de llover

Het Lantaarnpje

Ik herinner me nog het lantaarnpje op de hoek
Zachtjes verlichtte het mijn leugens
Ik was niet zestien zoals ik zei
Ik was een kind in de snoepleeftijd
Je kuste me onder de maan en mijn twee neven
Verhitste zelfs de kleren die ik droeg
Zachte lippen die mijn waakzaamheid doodden
Stalen de speelgoedjes van die dagen
De voetbalwedstrijden met mijn vrienden
Ruilde ik voor kussen en een paar sigaretten
Ik was een God die zomer maakte op je wang
Een astronaut tussen jouw borsten van Afrodita

En ze gaan, gaan van binnen
Jouw herinneringen zijn sterren die
Niet stoppen met regenen

We waren te laat om het daglicht te zien
De tijd ging verloren in zoveel onzin
Ik schilderde nieuwe sproeten op je buik
Jij vond een manier om van me te houden
Ik sprak met Neruda en zijn woorden
Een spreuk zodat je nooit zou vertrekken
En je deed het zonder waarschuwing die ochtend
Waar de wereld de omheining van mijn ongeluk was
En je zwoer terug te komen in de zomer
Bij het lantaarnpje, ik zweer, ik bleef plakken
Nooit heeft een man je zo gemist
Nooit heeft een kind je zo aanbeden
Oh, mooi meisje, je liet me in mijn zakken
Treurig aroma van kussen en sigaretten
Ik was een God die zomer maakte op je wang
Een astronaut tussen jouw borsten van Afrodita

En ze gaan, gaan van binnen
Jouw herinneringen zijn sterren die
Niet stoppen met regenen

En ze gaan, gaan van binnen
Jouw sterren stoppen nooit, nooit
Met regenen.

Escrita por: Luigi Castillo