395px

Leven in de Loopgraven

A. Aimo

Elämää Juoksuhaudoissa

Taistoihin tiemme kun toi,
Missä luotien laulu vain soi,
Emme tienneet, kun läksimme silloin,
Kuka joskus palata voi.
Elo tää juoksuhaudoissa on
Meille käskynä vain kohtalon,
Ja kenties matkamme määrä
Sodan melskeeseen kadota on.
Kun saapuu yö kentille taistojen,
On hiljaisuus yöllä juoksuhautojen.
Jo painuu päät sotilain uupuvain,
Kuopissaan miehet nyt saa rauhassa hetken uinahtaa.

Päivä kun yöks' vaihtui jo,
Tuli levoksi pien' tuokio.
Ovat unehen vaipuneet kaikki,
Missä lämmön suo nuotio.
Minä sinua vain muistelen,
Näen poskellas viel' kyyneleen,
Jos taiston kentälle jäisin
Sinun kuvasi on viimeinen.
Mies yksin vain valveillaan muistelee,
Ja aatokset kauas kotiin harhailee.
Nyt varmaankin äiti siell' valvoo viel'
Huokaillen ja rukoillen puolesta rakkaan lapsosen.

Leven in de Loopgraven

Toen onze wegen ons naar de strijd leidden,
Waar alleen het gezang van kogels weerklonk,
Wisten we niet, toen we vertrokken,
Wie ooit terug kan komen.
Het leven hier in de loopgraven is
Voor ons slechts een bevel van het lot,
En misschien is ons pad
Om te verdwijnen in de chaos van de oorlog.
Wanneer de nacht aanbreekt op de strijdvelden,
Heerst de stilte 's nachts in de loopgraven.
De hoofden van de vermoeide soldaten zinken,
In hun kuilen kunnen de mannen nu even rustig wegdommelen.

De dag is al in de nacht veranderd,
Er kwam een klein moment van rust.
Iedereen is in slaap gevallen,
Waar de warmte van het vuur hen omarmt.
Ik denk alleen maar aan jou,
Ik zie nog een traan op je wang,
Als ik op het strijdveld zou blijven,
Is jouw afbeelding de laatste.
Een man alleen is wakker en herinnert zich,
En zijn gedachten dwalen ver weg naar huis.
Nu waakt moeder daar waarschijnlijk nog,
Zuchtend en biddend voor haar geliefde kind.